Column

Grafiek van Daalder: Sterke dalingen en stijgingen lopen gelijk op

In de Grafiek van Daalder behandelt Lukas Daalder, beleggingsstrateeg van BlackRock, elke week een grafiek die wat hem betreft wat meer aandacht mag krijgen. Deze week: volatiliteitsclusters.

Best een aardige grafiek, al zeg ik het zelf. We kijken naar de dagelijkse uitschieters van de S&P 500 sinds 1928, maar dan alleen van dagen waarop de beurs meer dan 1% veranderde. De volatiele dagen van de Amerikaanse aandelenbeurs, zeg maar. Uiteraard zien we in het rood de positieve dagen (12,5% van de hele steekproef, dus eens in de acht dagen) en zijn de gele de negatieve (11,7% van de steekproef).

raex

Klik op de afbeelding voor een grote versie

Wat aardig aan deze grafiek is, is dat het bijna wel een gespiegeld patroon lijkt: volatiliteit is duidelijk geclusterd. Weliswaar gaat dit niet helemaal perfect op (de -20% uitschieter van 1987 mist een +20% tegenhanger bijvoorbeeld), maar grofweg zie je dezelfde golfbeweging, dezelfde pieken en dalen rond dezelfde tijdsperiodes.

Bij grote negatieve uitschieters zitten vaak ook grote positieve uitschieters en neemt de uitslag van de gele uitschieters toe, dan zie je eigenlijk altijd een vergelijkbare stijging aan de rode kant. Die spiegeling geeft de burger wat moed. Het is fijn om te weten dat zware negatieve dagen gelukkig ook gepaard gaan met stevige positieve uitschieters.

Volatiliteit slecht voor rendement

Overigens ook nog interessant: wie alleen in de volatiele dagen (positief en negatief) belegd zou zijn, zou daar weinig plezier aan hebben beleefd. Wie in 1928 100 dollar in de S&P 500 had gestoken, zou nu een aardig bedrag van 21.437 dollar hebben gehad, maar wie diezelfde 100 dollar per ongeluk alleen in de volatiele dagen had belegd (geen rekening houdend met transactiekosten), zou nu zijn uitgekomen op een schamele 56 dollar.

Assetallocatie