Nieuws

Klimaatbeleid levert ook geld op

Beleggers zien bestrijding van global warming nog altijd te veel als een vervelende kostenpost in plaats van een kans om geld te verdienen, zegt Henning Padberg van Nordea.

Dat onze planeet warmer wordt, valt niet langer te ontkennen. We hebben als maatschappij lang gedacht dat het vooral een zaak van de overheid is om dit probleem tegen te gaan, maar er komt zo langzamerhand steeds meer bewustzijn dat er ook een grote rol is weggelegd voor consumenten en bedrijven.

Met name de financiële sector heeft zijn verantwoordelijkheid te nemen. Het nemen van deze verantwoordelijkheid doet niet alleen pijn. Het grote project om de opwarming van de aarde te stoppen, kost niet alleen geld maar levert dat ook op.

Dit stelt Henning Padberg (zie foto), sinds acht jaar fondsmanager bij de Scandinavische bank Nordea.

Warmtetrend

In een column schrijft hij: “Op wereldwijde schaal is 2018 hard op weg richting de top vijf warmste jaren ooit. We kunnen dat niet afdoen als een gewoon warm jaar. Er is sprake van een trend. De planeet is warmer geworden, en zal nog warmer worden.”

Dit levert volgens Padberg niet alleen problemen op met betrekking tot hogere temperaturen, maar leidt ook tot andere extreme weerfenomenen, zoals overstromingen, droogtes en veranderingen in vegetatie.

Bemoedigend is volgens Padberg dat we een groeiende bereidheid in de samenleving zien om pro-actief bij te dragen aan een efficiëntere en duurzame wereld, het bedrijfsleven inclusief.

Economische nadelen

Padberg: “Vóór het uitbreken van de financiële crisis werd de bestrijding van global warming vooral gedreven door de politiek met subsidies en regelgeving. Vandaag de dag gaat het steeds vaker over de economische nadelen van klimaatverandering."

"Investeringen in het klimaat hoeven niet langer te worden opgedrongen, maar vormen een rationele keuze voor consumenten en ondernemingen.”

Keerpunt

De economische prikkel voor zowel consumenten als bedrijven om te investeren in klimaatoplossingen heeft volgens Padberg een keerpunt bereikt. Bedrijven begrijpen dat het investeren in duurzaamheid van essentieel belang is om concurrerend te blijven.

Dat is een megatrend. Padberg: "Toch wordt de invloed van het klimaat en milieu als drijvende kracht achter toekomstige bedrijfsinkomsten nog altijd onderschat”.

Twee denkfouten

Er zijn volgens Padberg twee diepgewortelde misvattingen onder beleggers. “Het eerste misverstand is dat bijna alles draait om alternatieve energie. Deze beperkte omschrijving van het probleem onderschat echter hoeveel andere investeringsmogelijkheden er zijn - vooral op het gebied van efficiency," stelt hij.

De tweede denkfout is om ervan uit te gaan dat bedrijven die positieve milieuoplossingen bieden geen aandeelhouderswaarde kunnen opleveren.

“Hoewel er in het verleden inderdaad veel bedrijven niet in staat waren een stabiele cashflow te  genereren, verandert dit in een rap tempo, gedreven door gezonde fundamentals.

Het idee dat investeringen in het klimaat en milieu alleen maar wat oplevert voor toekomstige generaties is volgens Padberg echt achterhaald.

Plasticsoep

Een goed voorbeeld in dezelfde publicatie (KL Connections) geeft Esmé van Herwijnen van het bedrijf Eden Tree. Zij wijst beleggers erop dat in Groot-Brittannië zich onlangs 40 bedrijven en organisaties hebben gegroepeerd om het afvalprobleem in de wereld te tackelen.

Het zogenoemde UK Plastic Pact moet de ongeveer 3,5 miljoen ton vast afval, hoofdzakelijk plastic, die we dagelijks produceren helpen reduceren en/of recyclen.

Iedereen die denkt dat dit geen economische baten zal opleveren, onderschat volgens Van Herwijnen de innovatiekracht van het bedrijfsleven.

De Redactie van IEXProfs bestaat uit verschillende journalisten. De informatie in dit artikel is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies, of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Het is mogelijk dat redactieleden posities hebben in een of meer van de genoemde fondsen. Klik hier voor een overzicht van hun beleggingen.

Lees meer

De impact van het coronavirus