Nieuws

Corporate governance China loopt ver achter

Ondoorzichtige bedrijfsstructuren en andere governance-issues vormen een groot risico voor beleggers in Chinese bedrijven, zo blijkt uit een studie van Janus Henderson Investors.

Het belang van China in de internationale aandelenhandel neemt razendsnel toe. De cijfers liegen er wat dat betreft niet om. Wat te denken van een toename van de marktkapitalisatie van de MSCI China met 2228% sinds 2000 en de ruim 200 Chinese A aandelen die in juni van dit jaar zijn opgenomen in de MSCI Emerging Markets index. Allemaal tekenen dat China een economische wereldmacht is geworden.

Voor aandelenbeleggers biedt dat kansen, maar er zijn ook grote risico’s, zo blijkt uit een educatieve studie van vermogensbeheerder Janus Henderson Investors met de titel Investing in China: Signals and Smokescreens.

Uit de studie komt naar voren dat er vooral op het gebied van corporate governance nog een wereld valt te winnen. Voor het onderzoek nam Janus Henderson 50 bedrijven onder de loep die te maken hebben gehad met een of andere vorm van financiële stress en al geruime tijd een notering hebben aan een buitenlandse beurs, met name Nasdaq en Hongkong.

Ondoorzichtige structuren

Er kwamen schokkende dingen uit zoals een cfo die geen toegang bleek te hebben tot de boekhouding; een voorzitter van de raad van commissarissen die zijn 21-jarige zoon naar voren schoof als onafhankelijk bestuurslid; en een bedrijf waar in een jaar tijd negen bestuursleden het veld moesten ruimen.

Janus Henderson spreekt van rode vlaggen, die overigens ook bij Westerse bedrijven beleggers aan het denken zouden moeten zetten.

Rode vlaggen

Een aantal voorbeelden van red flags zijn een snelle stijging van de kortlopende schuld; stijgende winstmarges die ongebruikelijk zijn voor de industrietak waarin het bedrijf acties is; grote verschillen tussen nettowinst en cash flow; veel familieleden in de raad van bestuur; toezichthouders die van toeten nog blazen weten en er alleen maar voor de sier zitten; buitenlanders in het bestuur die de Chinese taal niet machtig zijn; en bestuurders die in het verleden al een paar keer een scheve schaats hebben gereden.

Bij Chinese bedrijven komen dit soort onvolkomenheden helaas maar al te vaak voor, concludeert Janus Henderson, wat ook te maken heeft met de snelle overgang van een volledig staatsgeleide economie naar een hybride sociale marktsysteem met regelgeving die nog niet altijd voldoet aan internationale normen.

Guanxi

Samenvattend stelt Janus Henderson dat:

  1. Veel van de onderzochte bedrijven geen transparante bedrijfsstructuur hadden, waardoor de kans groter wordt dat gelden van aandeelhouders worden verduisterd.

  2. De bedrijfscultuur in China afhankelijk is van het vertrouwen dat wordt opgebouwd door het aangaan van zeer persoonlijke relaties (ook wel guanxi), en niet door het afsluiten van schriftelijke overeenkomsten op gepaste afstand.

  3. Culturele factoren en factoren op het gebied van regelgeving er vaak toe leiden dat minderheidsaandeelhouders slecht beschermd zijn.

Toch is China een must

Moeten beleggers vanwege de vaak slechte corporate governance China links laten liggen? Nee, dat wil Janus Henderson zeker niet zeggen. Integendeel, China is eigenlijk bijna niet meer weg te denken uit een effectenportefeuille van enig formaat.

Wel is het zo verstandig om pas na grondige analyse in een bedrijf te stappen. Naast rode vlaggen, zijn er ook een heleboel groene, zo merkt janus Henderson op.

De Redactie van IEXProfs bestaat uit verschillende journalisten. De informatie in dit artikel is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies, of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Het is mogelijk dat redactieleden posities hebben in een of meer van de genoemde fondsen. Klik hier voor een overzicht van hun beleggingen.

Lees meer

De impact van het coronavirus