Column

Het ene mixfonds is het andere niet

Mixfondsen zijn dit jaar populair, maar veel bescherming hebben ze niet geboden. Detlef Glow van Lipper Refinitiv vreest dat beleggers nog onvoldoende beseffen dat aandelen en obligaties beide kwetsbaar zijn bij een stijgende rente. Bovendien bestaat er een enorme vari√ęteit aan mixfondsen. Sommige zakten volledig door het ijs, andere staan op winst. Geluk of wijsheid?

"Onder de huidige marktomstandigheden - met alle belangrijke obligatie- en aandelenindices in het rood - is het op het eerste gezicht verrassend dat Europese beleggers geld hebben weggehaald uit obligatiefondsen, terwijl ze netto nog wel geld staken in (passieve) aandelenfondsen.

Logischer zijn de kapitaalstromen naar zogenoemde mixfondsen. Dat die in trek zijn, was te verwachten. Beleggers gaan er vanuit dat deze fondsen de moeilijke marktomstandigheden net zo goed zullen doorstaan als in het verleden. Maar of dat terecht is, valt te bezien, want het marktklimaat is helemaal niet zo gunstig voor de beheerders van de mixfondsen.

Alleen goud bleef overeind

Het vervelende voor beheerders van mixfondsen is dat ze geconfronteerd worden met meerdere problemen tegelijkertijd. De afgelopen jaren konden ze er zeker van zijn dat bij een afzwakkende economie dalende rentetarieven zouden leiden tot hogere obligatiekoersen. Ze vormden daarmee een goede hedge tegen dalende aandelenkoersen.

Dit keer lijkt dat echter niet het geval omdat de sterk toegenomen inflatie centrale banken ertoe heeft gedwongen hun kwantitatieve versoepelingsprogramma's stop te zetten en de rente te verhogen. Dat werkt in het nadeel van aandelen én obligaties.

Daarnaast zijn de spreads tussen staats- en bedrijfsobligaties opgelopen, wat voor extra verliezen heeft gezorgd bij de meer risicovolle obligaties. Alles overziend, was er dit jaar buiten goud bijna geen enkel marktsegment dat fondsbeheerders konden gebruiken als bescherming van de portefeuille.

Kapitaalstromen

In principe is het niet zo verrassend dat juist mixfondsen (+40 miljard euro) in de eerste vijf maanden van 2022 in trek waren bij Europese beleggers. Dat komt doordat zij op zoek zijn naar zo veel mogelijk diversificatie om zo hun portefeuilles te beschermen.

De mixproducten werden qua populariteit gevolgd door aandelenfondsen (+20,9 miljard), vastgoedfondsen (+5,2 miljard), "andere" fondsen (+204 miljard), en grondstoffenfondsen (+1,9 miljard).

In negatieve zin werden alternatieve ICBE-fondsen (-1,0 miljard), obligatiefondsen (- 71,4 miljard) en geldmarktfondsen (- 120,4 miljard) geconfronteerd met een uitstroom.

Het ene mixfonds is het andere niet

Mixfondsen zijn duidelijk geen homogene groep. Maar dat is een misverstand. De meest populaire waren de zogenoemde Gebalanceerde Mixed Assets Global fondsen die er netto 10,7 miljard bijkregen.

Ook in de plus zaten de Agressieve Mixed Assets Global fondsen (+5,4 miljard) en Flexibele Mixed Assets fondsen (+4,6 miljard). Een kleine min was er voor de Conservatieve Mixed Assets Global fondsen (-1,2 miljard).

Vreemd gedrag

Dat laatste past binnen het beeld. Het duidt erop dat beleggers zich ervan bewust zijn dat obligaties de belangrijkste performance driver zijn voor conservatieve mixed-assetsfondsen en deze instrumenten daarom vermijden. 

Maar de stijging bij de andere fondsen is dan weer vreemd, omdat ook die voor 65% uit obligaties kunnen bestaan.

Onaangename verrassing

Dit geeft mij aan dat sommige beleggers later dit jaar nog voor onaangename verrassingen kunnen komen te staan als de rente verder stijgt.

Feit is dat de prestaties van de mixfondsen gedurende de eerste vijf maanden van 2022 gemiddeld ook al negatief waren. De Conservatieve Mixed Assets Global fondsen deden het met gemiddeld -6,82% nog het best. De grootste verliezen waren er voor de Agressieve Mixed Assets fondsen met een min van 9,06%.

raex

Klik op de afbeelding voor een grote versie

Grote onderlinge verschillen

Tussen de mixfondsen onderling waren er enorme rendementsverschillen. Een aantal van hen wist de eerste vijf maanden zelfs met forse winst af te sluiten.

Dat heeft onder andere te maken met verschillende interpretaties over wat er allemaal in een mixfonds mag zitten.

Old School versus Modern 

Er is de old school-benadering, die zegt dat een mixfonds uitsluitend uit obligaties en aandelen mag bestaan. En er is de moderne school die zegt dat multi-assetfondsen ook gebruik mogen maken van andere (alternatieve) activa zoals grondstoffen, derivaten en moderne technieken voor portefeuillebeheer.

Van buiten is dat verschil in scholen vaak niet te zien, maar dat de strtegieën grote gevolgen hebben voor het rendement is duidelijk.

De minste rendementsverschillen dit jaar waren binnen de groep van Conservatief Mixed Assets Global fondsen. Het beste fonds binnen deze groep haalde een rendement van +10,14%, terwijl het slechtste fonds een negatief rendement boekte van 28,83%.

Het werd gevolgd door de Gebalanceerde Mixed Assets Global fondsen met een uitschieter naar boven van +15,07%, terwijl het slechtste fonds binnen deze categorie uitkwam op een verlies van 26,38%.

Het beste fonds bij de Flexibele Mixed Assets Global fondsen had een positief rendement van 18,17%, terwijl het slechtste fonds een negatief rendement had van 36,97%.

Zoals te verwachten vertoonden de Agressieve Mixed Assets de grootste spreiding met het beste fonds dat op een plus van 27,30% staat en het slechtste op -37,76%.

raex

Klik op de afbeelding voor een grote versie

Superman of geluk?

De grote verschillen in rendementen roepen vragen op. Hoe is het mogelijk dat de ene fondsbeheerder het fantastisch doet, terwijl de ander er niks van bakt? Is er misschien sprake van een nieuw soort van fondsbeheerders met superkrachten?

Het betekent werk aan de winkel voor fondsselectors. Aan hun de taak om uit te zoeken hoe deze resultaten tot stand zijn gekomen. Was er sprake van exceptionele vaardigheden of was het gewoon geluk.

Hetzelfde geldt voor de fondsbeheerders. Ook zij moeten onderzoeken of hun eigen selectie- en beheerproces sterk genoeg is om toekomstige marktturbulenties te doorstaan. En, als ze het dit jaar goed gedaan hebben, dan moeten ze onderzoeken of dat voor herhaling vatbaar is in de toekomst."

De originiele Engelstalige column vindt u hier.


Detlef Glow is hoofd research EMEA bij Lipper, een onafhankelijk fondsbeoordelaar. Glow heeft een MBA Financial Services van de University of Wales/Cardiff en een BA in Business Administration. De informatie in deze column is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen.

Assetallocatie