Column

De grote, bruine olifant in de portefeuille

Beleggers hebben volgens Mary Pieterse-Bloem de klimaatrisico’s bij lange na niet ingeprijsd. Hier geen aandacht aan besteden, totdat iedereen tegelijkertijd door dezelfde uitgang naar buiten wil, lijkt haar een bijzonder onverstandige beleggingsstrategie.

Goede zomervakantie gehad? Ik zeer zeker. Alleen kregen wij tijdens het zeilen te maken met een mistral en moesten wij twee dagen schuilen in de haven van Bonifacio. Die mistral richtte veel schade aan op het eiland Sardinië, dat al zwaar gebukt ging onder grote bosbranden.

Tegelijkertijd zweette men zich in Nederland door een hittegolf heen. Daarna regenden hagelstenen de tentjes aan de rand van het Gardameer aan flarden. In Wallis was het niet veel beter, want daar gleden modderstromen de berg af.

Gelukkig was u niet naar het Noordpoolgebied afgereisd. De grootste bosbranden die ze daar ooit gekend hebben, leverde een rookwolk op ter grootte van Europa. Niet alleen stond de ijskast van de wereld in de brand, nu hebben ook de longen van de wereld, de Amazone, flink vlam gevat. 

Hoezo klimaatprobleem?

Terwijl de ramp in het Amazonegebied eerst werd toegeschreven aan klimaatverandering, bleek al snel dat lokale boeren een grotere oorzaak zijn. Dit leverde het nodige hoongelach op van klimaatsceptici, die al heel lang menen dat beweringen over extreem weer overtrokken zijn. Hun argument is dat onze horizon te beperkt is. 

Dat wij ons laten leiden door wat wij nu zien, is weliswaar menselijk, maar niet heel wetenschappelijk, zo is de redenering. We hebben namelijk veel langere dataseries nodig om klimaatveranderingen te kunnen vaststellen. Datasets van duizenden jaren.

Dat klopt. Alleen bestaat het risico, dat terwijl wij op die wetenschappelijke conclusies gaan zitten wachten, de klimaatverandering zich voltrekt en de aarde nagenoeg onleefbaar wordt. Dan hebben we pas echt een gróót probleem. Daarom is het niet heel slim om klimaatverandering en de risico’s die daarmee gepaard gaan weg te wuiven.

Niet ingeprijsde risico's

Klimaatrisico’s zitten op allerlei manieren in de beleggingsportefeuille. Denk bijvoorbeeld aan investeringen in gebouwen die langs de kust staan waar de waterspiegel stijgt of in gebieden die meer en meer door orkanen en ander natuurgeweld getroffen zullen worden.

Maar denk ook aan investeringen in bedrijven met een te grote CO2-voetprint. Stijgende CO2-belastingen gaan de winsten van deze ondernemingen drukken.

Er zijn heel veel, en ook concrete voorbeelden te noemen, maar grofweg valt het klimaatrisico in twee categorieën uiteen:

  1. Bij het fysieke risico gaat het om beleggingen die direct geraakt worden door de stijging van de zeespiegel, extreem weer, waterschaarste en dergelijke.

  2. Bij het transitierisico gaat het om beleggingen die geraakt worden door de omslag naar een CO2-neutrale wereld ten gevolge van nieuw overheidsbeleid, nieuwe technologie, of doordat consumenten andere keuzes maken.

Bruine olifant

Omdat het om risico’s gaat, zijn beleggers geneigd naar de mogelijke losers en niet naar de mogelijke winners te kijken. En die losers hebben wij met z’n allen voor nog bijna het volle pond in de portefeuille staan, omdat klimaatrisico’s bijna niet zijn ingeprijsd.

Natuurlijk zijn assetmanagers portefeuilles aan het verschuiven op basis van ESG- en SDG- criteria. Dit heeft tot gevolg dat er minder bruine beleggingen zijn.

Maar als u de doorsnee portefeuille tegen het licht van klimaatrisico’s houdt, dan kunt u stellen dat de spreekwoordelijke bruine olifant er nog altijd in zit.

Apart volk

DNB, die zeer gemoeid is met het klimaatrisico en op dit gebied binnen het stelsel van Europese centrale banken het voortouw neemt, probeert de financiële sector tot actie aan te zetten.

Daardoor ziet de toezichthouder wat voor een apart volk wij zijn. Beleggers zijn namelijk pas geneigd om actie te ondernemen als we alles perfect hebben doorgerekend.

Met andere woorden, die grote bruine olifant gaat pas weg als we ten eerste hebben vastgesteld dat het een olifant is, ten tweede dat die bruin is, en ten derde hoe bruin die is.

Gebrek aan data

We verkeren nu in de fase dat slimme rekenaars bij assetmanagers bezig zijn modellen te bouwen om klimaatrisico’s in kaart te brengen. Voor het fysieke risico vertellen die modellen wat klimaatverandering (extreme weersomstandigheden en waterschaarste in specifieke regio’s) doet met het vastgoed en de infrastructuur dat deze partijen in hun boeken hebben.

Voor het transitierisico berekenen modellen de kosten die bedrijven moeten maken om hun CO2-uitstoot omlaag te brengen.

In deze modellen wordt gewerkt met scenario’s, omdat de klimaat- en transitierisico’s hoogst onzeker zijn. Veel data ontrbeekt namelijk, zoals de CO2-voetprint van bedrijven. Vandaar dat de DNB samen met de financiële sector druk zet op het rapporteren van klimaatgerelateerde informatie door bedrijven.

Handel nu

Het gaat waarschijnlijk nog jaren duren voordat die data er zijn, voordat modellen perfect zijn en de toezichthouders het rapporteren en mogelijk belasten van klimaatrisico in beleggingsportefeuilles zullen afdwingen.

Klimaatrisico’s worden door beleggers nog niet meegenomen, met als uitzondering enkele pensioenfondsen die voorop lopen. Het zit nog niet in de benchmarks of credit ratings.

Er is wel interesse, maar de gemiddelde belegger heeft nog niet het gevoel van urgentie. Als dat gevoel van urgentie er is, dan moeten alle bruine olifanten tegelijk door één deur naar buiten.

Wie niet in die kuddevlucht terecht wilt komen, moet vooral niet wachten totdat klimaatrisicomodellen eindelijk klaar zijn. Want iedereen kan op zijn eigen vingers natellen waar klimaatrisico’s in de portefeuille zitten.

Mary Pieterse-Bloem is lid van het ABN Amro Beleggingscomité en Bijzonder Hoogleraar Financiële Markten aan de Erasmus School of Economics. Zij schrijft deze column op persoonlijke titel. De informatie in haar artikelen is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen.

Alles over de rente