Column

Zijn aandelen te duur?

Aandelenkoersen breken record na record. Heeft dat aandelen niet veel te duur gemaakt? Volgens Mary Pieterse-Bloem zijn aandelen niet exorbitant gewaardeerd, maar is er weinig ruimte voor tegenvallers.

De MSCI World boekte in 2019 een rendement van bijna 25%. Deels was dit een goedmaker voor het negatieve beursjaar 2018. Toch is de jaarlijkse aandelenstijging van zo’n 11% gemiddeld over de afgelopen drie jaar opmerkelijk hoog voor de nominale groei van 3,5% die de wereldeconomie in dezelfde periode kende.

Ook volgens een andere vuistregel zijn aandelen bovengemiddeld hard gestegen. Met een risicopremie voor aandelen van zo’n 4% boven de risicovrije 10-jaars rente van zo’n 2% kom ik uit op een verwachte aandelenstijging van 6%.

Vooral sinds afgelopen zomer zijn koersen gestaag opgelopen. Centrale banken hadden koersen voor de zomer al flink opgejaagd door weer extra te stimuleren.

Draai van de Fed

Vooral de u-turn die de Amerikaanse Fed maakte, hielp de koersen omhoog. Na de zomer vielen ook de onzekerheden over de handelsoorlog tussen de VS en China en over Brexit weg.

Daarnaast werd de angst voor een recessie verdreven door betere vertrouwensindicatoren, terwijl de omzetcijfers van bedrijven allerminst tegenvielen.

Lage rentes hebben aandelenkoersen in meerdere opzichten geholpen. Aandelen steken daardoor heel gunstig af bij andere beleggingen en dan met name obligaties.

TINA helpt aandelen

De koerswinstverhouding van aandelen is een relatieve waardering. Om het verwachte dividend van aandelen van zo’n 3,5% te kunnen evenaren, moeten beleggers in hoog-speculatieve bedrijfsobligaties of in obligaties van opkomende landen beleggen.

Alleen die obligatiecategorieën kunnen het aandelendividend evenaren. Veel beleggers redeneren dat aandelen dan een betere keuze zijn.

"De koerswinstverhouding van aandelen is een relatieve waardering"

Met centrale banken die voorlopig nog de rentes drukken, blijft de vergelijking tussen obligaties en aandelen gunstig voor aandelen uitpakken. Dit is het TINA-effect, waarbij TINA staat voor There-Is-No-Alternative.

Hoge verwachtingen

Het is de vraag of aandelen nu niet veel te duur zijn geworden. Overwaardering veroorzaakt op zichzelf geen correctie. Dat gebeurt namelijk altijd op basis van nieuwe negatieve feiten of verslechterende toekomstverwachtingen.

Waarderingen laten wel zien hoe hoog die verwachtingen zijn opgelopen. En die zijn best hoog. Zowel de koerswinstverhouding als de koersboekwaardeverhouding verkeren boven hun langetermijngemiddelde. Toch zijn deze ratio’s minder hoog dan eerder, bijvoorbeeld eind 2017.

Ook zijn de verwachtingen ten aanzien van toekomstige winsten wat getemperd. Dit komt vooral doordat de gerealiseerde winstgroei in 2019 kortstondig negatief is geweest.

9% teveel?

De verwachting hieromtrent herstelde toen de economische groeivooruitzichten verbeterden. Daarbij kan wel de vraag worden gesteld of de verwachte winstgroei van bijna 9% voor komend jaar niet te hoog is gesteld.

"Is de verwachte winstgroei van bijna 9% voor komend jaar niet te hoog gesteld?"

De aandelenmarkt lijkt al erg te zijn vooruitgelopen op een opleving van de economische groei.

Het momentum in omzetgroei van bedrijven en ook het producentenvertrouwen is ten positieve gekeerd de afgelopen weken, maar die verwachte winstgroei moet nog wel gerealiseerd worden.

Kwetsbare markt

Ik zie een aantal zaken die kunnen mee- of tegenvallen. Zo kan de winstgroei meevallen dankzij stimuleringsmaatregelen van China en de grote centrale banken.

Een grote opsteker voor de economie, en dus ook aandelenkoersen, zou zijn als overheden gehoor geven aan de lofzang van de nieuwe presidentes van het IMF en de ECB om hun bestedingsbeleid een tandje bij te zetten.

De toekomstige winstgroei zal tegenvallen als blijkt dat het langer duurt totdat het toegenomen producentenvertrouwen zich vertaalt in hogere bedrijvigheid.

Of als Donald Trump bokkesprongen gaat maken als hij zich door de afzettingsprocedure of een onverwacht sterke democratische kandidaat in de hoek gedrukt voelt.

Centrale banken steken bij tegenvallende groei wel bij, maar onderwijl lijkt het effect van hun grof geschut te verminderen. Ook toont het nieuwste internationale incident, de ruzie tussen de VS en Iran, aan dat er bij deze koershoogtes weinig ruimte is voor slecht nieuws.

"Bij deze koershoogtes is er weinig ruimte voor slecht nieuws"

Mary Pieterse-Bloem is lid van het ABN Amro Beleggingscomité en Bijzonder Hoogleraar Financiële Markten aan de Erasmus School of Economics. Zij schrijft deze column op persoonlijke titel. De informatie in haar artikelen is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen.

Duurzaam beleggen