Edin Mujagic is hoofdeconoom van OHV Vermogensbeheer en is gespecialiseerd in (de gevolgen van) het beleid van de centrale banken. Hij heeft verschillende boeken op zijn naam staan, waaronder "Geldmoord: hoe de centrale banken ons geld vernietigen" en "Boeiend en geboeid: een monetaire geschiedenis van Nederland sinds 1814/1816". Hij studeerde monetaire economie aan de Universiteit van Tilburg.

Column

Back to the seventies met stagflatie light

Na de coronacrisis zouden we wel eens een periode kunnen krijgen met lage groei en stijgende inflatie, aldus Edin Mujagic. Stagflatie is voor aandeelhouders lastig, maar obligatiehouders verdienen dan niks meer.

MV = PT. Dat is een van de meest bekende economische vergelijkingen. En komt regelmatig terug als ik een lezing geef. Vaak is het voor mijn publiek groot nieuws als ik zeg dat in het ECB-bestuur het Duitse lid evenveel stemrecht heeft als zijn collega uit Malta, maar MV=PT kennen ze doorgaans wel.

De vergelijking zegt dat als de geldhoeveelheid (M) stijgt, inflatie (P) na enige tijd ook oploopt. Want als er meer geld in omloop is, zal de vraag sneller toenemen dan het aanbod kan bijbenen. Het aantal transacties, ook wel hoe snel een economie kan groeien, (T), is constant over langere periodes.

En voor het gemak nemen economen aan dat de omloopsnelheid van geld - V in de vergelijking - ook nauwelijks verandert op lange termijn.

Geldhoeveelheid sterk gestegen

Is de trend in V stijgend, dan is niet heel veel extra geld nodig om inflatie aan te wakkeren. Zakt V als een baksteen, dan is een stijgende geldhoeveelheid net zo effectief als een basketbalwedstrijd tussen Michael Jordan en Edin Mujagic. Ik kan proberen wat ik wil, maar ook één punt scoren zit er niet in.

De afgelopen jaren is de geldhoeveelheid spectaculair gestegen door het beleid van centrale banken. De omloopsnelheid van het geld is echter net zo spectaculair gedaald. Dat de inflatie dan al die tijd historisch laag is geweest, is dus niet vreemd.

Wat valt er te zeggen over mogelijke gevolgen van het zeer ruime beleid van de centrale bank op de inflatie in de toekomst? Ook in de wetenschap dat dat beleid nog heel lang zeer ruim zal blijven?

Lichte stijging

Een rente van 0% en honderden miljarden voor het opkopen van obligaties; niet eens zo lang geleden was onconventioneel beleid. Nu is dat zo gewoon geworden als de zon die elke ochtend opgaat in het oosten en elke avond ondergaat in het westen.

Een snelle blik op de grafiek van de omloopsnelheid van het geld, leert dat die sinds medio jaren negentig behoorlijk rap daalt. Wie echter beter kijkt, zal zien dat die daling in 2017 is gestopt en vanaf 2018 een lichte stijging te ontwaren is. Een lichte stijging inderdaad, maar een revolutie gezien de trend van de afgelopen decennia.

Dat betekent dat een van de belangrijkste krachten die de inflatie sinds medio jaren negentig omlaag drukte, begon te draaien. De harde klap van de coronacrisis voor de mondiale economie drukte de omloopsnelheid van het geld weer omlaag, maar gezien de ontwikkelingen daarvoor zou het mij niet verbazen als de ingezette draai hervat wordt als de crisis voorbij is.

Arbeid wordt schaars

Een andere sterke kracht die de inflatie afgelopen decennia stevig omlaag drukte, was globalisering. Dit zorgde niet alleen voor meer en steeds goedkopere invoer, maar ook de dreiging van verplaatsing van werk naar lagelonenlanden hield de stijging van de lonen in het westen binnen de perken.

Dat steeds meer mensen gingen werken - denk aan vrouwen en immigranten - hield de aanmerkelijk hogere loonstijgingen ook al tegen. Globalisering staat nu druk en de-globalisering, tot op zekere hoogte, is waarschijnlijk. Net als de draai in de omloopsnelheid van het geld, is de voortschrijdende globalisering ook voor de crisis al onder druk gekomen. De coronacrisis versnelt dat alleen maar.

De voorraad nieuwe werknemers die de arbeidsmarkt kunnen betreden, is zeer beperkt. Ondertussen zorgt vergrijzing ervoor dat arbeid schaarser wordt. Ofwel: de loonkosten kunnen in de toekomst wel eens veel harder stijgen dan in de decennia hiervoor. Dus grootste kostenpost voor een bedrijven, arbeid, zal veel sneller toenemen dan zij zijn gewend.

Onafhankelijkheid onder druk

De derde belangrijke kracht die de inflatie in toom hield sinds begin jaren 80, is de onafhankelijkheid van de centrale banken. Dat zorgde ervoor dat beleggers er vertrouwen in hadden dat de centrale banken niet stiekem hun beleid zullen afstemmen op wat politici willen, maar op wat de samenleving nodig heeft.

Het is duidelijk dat de onafhankelijkheid van de centrale banken onder druk staat. Uit dat alles gaat veel eerder een opstuwend naar drukkend effect op de prijzen. Om bij onze vergelijking te blijven: de M neemt toe, de daling van de V kan wel eens gestopt zijn, of in ieder geval vertraagd zijn en waarschijnlijk veranderen in stijging en de T zie ik ook niet spectaculair toenemen.

En dan is er nog een effect dat op de korte termijn kan spelen. Door de coronacrisis is het economisch leven tot stilstand gekomen. Nu de lockdowns langzaam worden versoepeld, is het duidelijk we een tijdlang zullen moeten vertoeven in de 1,5 meter samenleving/economie. 

Kans op stagflatie

Als restaurants en winkels straks opengaan, maar veel minder klanten kunnen bedienen dan normaal terwijl hun kosten niet dalen, dan is het niet vreemd als zij hun prijzen verhogen. Ik zou er niet raar van opkijken.

Hetzelfde geldt voor andere sectoren, zoals toerisme. Het zou mij niet verbazen als de inflatie tot en met 2021 minstens aanmerkelijk toeneemt, terwijl het economisch herstel onvoldoende blijkt om de coronaschade snel goed te maken.

Voor iedereen die denkt dat lage groei en stijgende inflatie niet samen gaan; begin jaren 70 dachten ze er ook zo over. Wat volgde was zo indrukwekkend dat er een woord voor is bedacht: stagflatie, een samentrekking van economische stagnatie en stijgende inflatie.

Obligaties onaantrekkelijk

Voor beleggers is het in zo’n omgeving goed zoeken naar aandelen van bedrijven die voldoende pricing power hebben om hun prijzen te kunnen verhogen zonder al te veel gevolgen voor de omzet.

En met de mogelijkheid van structureel stijgende inflatie, kijk ik er niet raar van op als beleggers zich gaan afvragen of zij geld willen blijven uitlenen aan overheden en bedrijven tegen een rente die tussen 0 en 2% per jaar ligt.

Edin Mujagic is hoofdeconoom van OHV Vermogensbeheer en is gespecialiseerd in (de gevolgen van) het beleid van de centrale banken. Hij heeft verschillende boeken op zijn naam staan, waaronder "Geldmoord: hoe de centrale banken ons geld vernietigen" en "Boeiend en geboeid: een monetaire geschiedenis van Nederland sinds 1814/1816". Hij studeerde monetaire economie aan de Universiteit van Tilburg. Hij schrijft op persoonlijke titel. De informatie in deze column is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen.

De impact van het coronavirus