Productrecensie

Renterisico: hoe complex mag het?

GLG Flexible Bond Fund ondervangt het renterisico voor een deel met floating rate notes en het illustere duo ABS en CDS

Na een obligatiebullmarkt van dertig jaar, komt het moment steeds dichterbij dat de rentes oplopen en beleggers zullen moeten uitwijken naar andere hoeken van de markt dan recht-toe-recht-aan obligatiefondsen. Maar de afgelopen jaren trok de obligatiemarkt juist recordinstromen aan. Dat dreigt te gaan wringen, als de panelen gaan schuiven.

Steeds meer wordt gezocht naar vastrentende oplossingen die het renterisico kunnen opvangen. Twee weken geleden maakten we al kennis met de risk parity-oplossing voor obligatieportefeuilles die de Duitse vermogensbeheerder Aquila lanceert. Vandaag een blik op het GLG Flexible Bond Fund dat op de Nederlandse markt wordt gebracht. GLG is onderdeel van Man Group, het grootste beursgenoteerde hedgefundhuis ter wereld.

Een ultralage (vaak al negatieve) reële rente, risico van oplopende inflatie.  ‘Tactisch en flexibel’, dat zijn de kernwoorden in de strategie van GLG Flexible Bond Fund om deze klippen te omzeilen. Het fonds street een absoluut rendement na, en kan daarvoor beleggen in verschillende soorten obligaties als highyieldobligaties, investment grade bedrijfsobligaties, bank- en staatsleningen, maar ook cash en derivaten. 

Daarnaast kan, als de omstandigheden daarom vragen, uitgeweken worden - en zelfs voor 100% -  naar instrumenten die niet gevoelig zijn voor rentebewegingen als floating rate notes (FRN), asset backed securities (ABS) en credit default swaps (CDS). Het sluimerende renterisico van obligatieportefeuilles wordt daarmee deels ondervangen, maar daarvoor in de plaats komen instrumenten die niet voor iedereen even begrijpelijk zijn.

In de meest recente asset allocatie van het fonds (van 31 december 2012), is er een weging van 37% weggelegd voor het illustere trio FRN, ABS en CDS. Ter vergelijking: 21% van de portefeuille zat in highyieldobligaties, 13% in investment grade, 16% in financials en 12% in bankkapitaal, 7% in cash en met derivaten wordt de portefeuille voor 7% gehedged. De optelsom daarvan kan een prima strategie zijn, maar voor de gemiddelde beleggingsadviseur is het moeilijk te begrijpen, laat staan helder uit te leggen aan een client.

 

Het rendement sinds de lancering van de strategie mag er overigens zijn (grafiek toont de rendementen in GBP en voor aftrek van kosten). Nadeel is dat de strategie nauwelijks meer dan een jaar terug gaat. Die beheerkosten van het fonds zijn 1,25% voor particuliere beleggers en 0,6% voor institutionele beleggers, geen performance fee. De start van het fonds mag gerust veelbelovend worden genoemd. De vraag is of beleggers zich door de fraai oplopende grafiek laten verleiden om een product te kopen dat ze niet kunnen doorgronden.

Daar is, weten we sinds Lehman Brothers, veel leergeld mee betaald in het verleden. En dat kan ook nu nog drempels opwerpen, voor zowel rijpe als gifgroene producten die buiten het plain vanilla-schap vallen. 'Complex' is in de perceptie van beleggers immers een synoniem geworden van 'risicovol'. De paradox is dat om risico's in de huidige obligatiemarkt te omzeilen er meer complexiteit nodig is dan vroeger, toen het volstond wat Treasuries, Bunds en een paar investment grade corporates te kopen.

De Redactie van IEXProfs bestaat uit verschillende journalisten. De informatie in dit artikel is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies, of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Het is mogelijk dat redactieleden posities hebben in een of meer van de genoemde fondsen. Klik hier voor een overzicht van hun beleggingen.

Online magazine duurzaam beleggen