Nieuws

Een opfriscursus in correlatie

Alleen kijken naar correlatie om uw portefeuille te diversifiëren is onvoldoende. Een opfriscursus in correlatie.

Beleggers die streven naar diversificatie in hun portefeuilles zijn gewoonlijk op zoek naar niet-correlerende activa, wat het risico in theorie kan verminderen. In theorie, dat is wat A Wealth of Common Sense wil benadrukken. Veel beleggers maken de fout door zich bij diversificatie alleen te laten leiden door correlatie. Een reden voor de website om met een opfriscursus correlatie te komen.

Correlaties meten hoe sterk twee datasets met elkaar zijn verbonden op een schaal van -1 tot +1. Een negatieve correlatie ontstaat als de ene waarde stijgt en de andere afneemt terwijl een positieve correlatie ontstaat als beide waarden samen stijgen. Correlaties die schommelen rond de 0 duiden erop dat er geen relatie tussen de data bestaat.

Hier zijn vier kwesties die u kunt overwegen als u gebruik maakt of wilt maken van correlatie:

1.  Een lage correlatie is niet altijd een goede zaak
Neem cash. Cash heeft weinig correlatie met de S&P 500-index, ongeveer gelijk aan die van grondstoffen, maar dat betekent niet dat het voor de lange termijn zinvol is om cash aan te houden. Met cash verdienden beleggers slechts 3% per jaar in de periode 1991-2013 terwijl met grondstoffen 4% werd verdiend. Met obligaties (correlatie 0,06) werd tegelijkertijd 6,5% verdiend. Kortom: lage correlatie kan helpen, maar niet altijd.

2. Correlaties veranderen over tijd
Als we de perioden 1991-2003 en 2004-2013 met elkaar vergelijken is te zien dat grondstoffen een heel andere correlatie vertonen met de S&P 500. Van -0,19 in de eerstgenoemde tot 0,59 in de laatste. Ook het verband tussen opkomende landen en de S&P 500 werd sterker over tijd (van 0,28 naar 0,67). Rentes, economische groei, inflatie, innovatie en tal van andere factoren in het financiële landschap veranderen en dus ook correlaties.

3. Een sterke correlatie betekent geen vergelijkbare prestaties
De correlatie tussen grondstoffen en opkomende markten in 2004-2013 was met 0,90 sterk positief. In die periode gingen aandelen in groeilanden met 200% omhoog terwijl grondstoffen in totaal slechts 9% stegen. Dus hoewel deze beleggingscategorieën samen opgingen, lagen hun rendementen totaal niet bij elkaar in de buurt.

4. De Modern Portfolio Theory (MPT) berust niet op correlatie alleen
Hoewel correlaties, co-variaties en andere statistieken belangrijke aspecten zijn van de MPT, kunt u niet volstaan met simpelweg niet-correlerende categorieën samenvoegen tot de beste portefeuille. Het hele punt van MPT is dat u een portefeuille creëert die u het hoogste rendement biedt tegen een bepaald risiconiveau.  

Hoe mooi wiskundige formules en de MPT ook moge zijn, de perfecte portefeuille creëert u nog altijd door te kijken naar uw persoonlijke omstandigheden, risicotolerantie en tijdshorizon. Dat geeft zelfs de grondlegger van MPT, Nobelprijswinnaar Harry Markowitz, toe in het boek Your Money & Your Brain van Jason Zweig.  

Dus, besluit A Wealth of Common Sense, zoals altijd zijn de kwalitatieve factoren belangrijker dan de kwantitatieve. 

De Redactie van IEXProfs bestaat uit verschillende journalisten. De informatie in dit artikel is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies, of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Het is mogelijk dat redactieleden posities hebben in een of meer van de genoemde fondsen. Klik hier voor een overzicht van hun beleggingen.

Lees meer

Online magazine ETF's