Peter van Kleef was tot en met 2014 hoofdredacteur van IEXProfs.

Hij is sinds 2001 actief in de financiële journalistiek met een uitgebreid freelance-verleden en een lange geschiedenis bij IEX. Hij is ook de bedenker en samensteller van de IEX Fonds 40 en de IEX Defensieve 30

. Sinds 2015 is Van Kleef chief editor Investment Writing & Translations bij Robeco.
Interview

Kat in 't bakkie

CTA-hedgefund AC Spectrum is volgens quantgoeroe Harry Kat het juiste medicijn voor een zieke portefeuille.

meer

Peter van Kleef was tot en met 2014 hoofdredacteur van IEXProfs.

Hij is sinds 2001 actief in de financiële journalistiek met een uitgebreid freelance-verleden en een lange geschiedenis bij IEX. Hij is ook de bedenker en samensteller van de IEX Fonds 40 en de IEX Defensieve 30

. Sinds 2015 is Van Kleef chief editor Investment Writing & Translations bij Robeco.

Harry Kat is terug. En hoe. Kat was jarenlang de luis in de pels van de hedgefundindustrie. Als hoogleraar aan de CASS School of Business in Londen lanceerde hij zijn FundCreator, een replica van hedgefunds die liet zien hoe je als belegger eenvoudig zelf een hedgefund kunt nabouwen. “Zo moeilijk is het niet, tsjop, tsjop, tsjop" – Kat maakt snelle bewegingen met zijn hand alsof hij op zondagmiddag het vlees in de keuken snijdt – "dat kan er allemaal uit. Tien minuten werk en dan heb je het.”

En nu is Kat terug als grondlegger van AC Spectrum, een CTA-hedgefund, en hoofd quant research voor de Duitse vermogensbeheerder Aquila Capital. Kat tsjopt maar al te graag in de hedgefundindustrie. Vanuit het oogpunt van diversificatie zijn volgens hem slechts twee strategieën geschikt. “Alleen Global Macro en CTA. De rest heeft een veel te hoge correlatie met de aandelenmarkten. Leg al die HFR-indices maar eens op de S&P500.” CTA's blijken juist in crisistijden een mooie performance neer te zetten:

Maar ook de twee die wel toegevoegde waarde hebben, hebben hun tekortkomingen. Kat: “Bij Global Macro zit al de know how in het hoofd van de fondsbeheerder. Die kan het fout hebben, zijn touch verliezen of op een gegeven moment geen zin meer hebben en geld teruggeven aan participanten zoals George Soros en Julian Robertson deden.” Bij CTA’s liggen de risico’s op een ander vlak. Op de lange termijn werkt die trendvolgende strategie, zoals toegepast door bijvoorbeeld Transtrend en MAN AHL prima. Maar de crux zit ‘m in de hoge volatiliteit die beleggers vroeg of laat uit zo’n fonds jaagt.

Night crawler
“Uiteindelijk is niemand echt langetermijnbelegger. De fondsbeheerder wordt op een maandrendement afgerekend.”  En juist daar ligt de toegevoegde waarde die Kat aan zijn Duitse werkgever – op zoek naar institutioneel Nederlands vermogen – moet bieden. Want door zijn jarenlange research weet Kat de CTA-strategie te verbeteren en de volatiliteitvalkuil te omzeilen. In elk geval volgens de backtesten van zijn model en over de eerste negen maanden in het echte leven.

Zijn model is een night crawler zegt Kat. ’s Nachts vraagt het prijzen op in veertig verschillende markten, op zoek naar inefficiënties. Overdag – als de handel bezig is – voert het model zijn berekeningen uit en aan het eind van de dag rollen de transacties eruit. Als het model tenminste trends signaleert, want anders doet het niets. “Veel CTA’s maken fraai rendement bij duidelijke trends, maar verliezen ook weer fors als de trend draait of als er geen duidelijke trend is en er sprake is van een zaagtandgrafiek.”

Vogelstrategie
En juist dat laatste probeert Kat met zijn modellen te voorkomen. "Risicomanagement is alles, maar wordt sterk onderschat”, stelt hij met pretoogjes. Het zijn kleine beetjes rendement die het model bij elkaar scharrelt.

 “Je kunt als belegger je geld over twee posities verdelen en dan afwachten. Dan heb je het goed of fout, meer smaken zijn er niet. Maar dan krijg je enorme uitslagen.” Kat doet het anders. Als een vogel. “Een vogel gaat ook niet elke dag in dezelfde boom zitten en wachten tot er heel brood naar beneden komt vallen. Die strategie gaat echt niet werken, hoor. Nee, hij vliegt rond, speurt de tuinen af en pikt her en der een kruimeltje van de grond. Precies die strategie volgen wij ook. Niet dat we denken ‘goud gaat stijgen, hier, alles op goud.”

Dat klinkt goed en, toegegeven, met een rendement van 7% (netto, na aftrek kosten) in het eerste echte jaar – het fonds werd gelanceerd in mei 2011 – maakt AC Spectrum zijn woorden ook waar, voorlopig. In elk geval was het fonds vorig jaar veel succesvoller dan MAN AHL en Transtrend die flinke averij opliepen. Dat was vooral toe te schrijven aan de plussen die het fonds bij mocht schrijven in de zware beursmaanden augustus en september en waar in de strategie van Kat goed uitpakte.

Aan het trendvolgende systeem, iets dat alle CTA’s hanteren, heeft AC Spectrum twee strategieën toegevoegd om de volatiliteit te verlagen en drawdowns te beperken. Het eerste is inspelen op de vorm van de futurecurve. “Simpel gezegd, als de futurecurve in backwardation noteert, gaan wij ervan uit dat de markt overdrijft en nemen we een longpositie in. Bij contango precies andersom. Bij de tweede strategie worden markten die informatie langzamer verwerken bespeelt.

“Als er iets fout gaat in de markt, worden de grote liquide markten – S&P500 bijvoorbeeld – razendsnel, binnen een kwartier, geraakt. Andere, kleinere markten volgen vaak pas een dag later. Wij proberen op die vertraagde reactie in te spelen. Beide strategieën hebben een correlatie van rond de –0,4 met de trendvolgende strategie en verlagen daardoor de volatiliteit van het fonds. Maar omdat beide strategieën wel positieve rendementen genereren dragen ze wel bij aan de groei van het vermogen.

Black box en Armani-pakken
“We proberen de basic instincts als hebzucht te modelleren. Ons fonds is niet bedoeld voor recordrendementen, maar als aspirine voor een zieke portefeuille.” Kat is niet bang dat het volledig geautomatiseerde handelssysteem beleggers afschrikt. “Wij doen wat het model zegt, al hebben we wel bandbreedten vastgelegd om te zorgen dat de volatiliteit van individuele posities en van de portefeuille als geheel niet te hoog wordt."

En dan gekscherend, bijna liefkozend: ”Dat ding is net een alcoholist, die gaat maar door als je geen grenzen stelt.” Van de portefeuille mag de volatiliteit oplopen tot, gemiddeld, 15, voor individuele posities een stuk hoger omdat juist daar de risicopremie binnengehengeld moet worden.” Voor niet-quants heeft het fonds wel een tikje een black box-gehalte, maar Kat doet zijn best die drempel te verlagen.

“Ik mail nog net de broncode niet, maar verder vertel ik meer over die doos dan de meeste gewone fondsbeheerders. Maar goed, als je liever je geld steekt in het fonds van een man in een duur Armani-pak die je in tien minuten vertelt hoe de wereld in elkaar steekt…” En ere wie ere toekomt, het model is weliswaar niet onfeilbaar, maar blijkt in 68 van de 100 trades goed te zitten. Er zijn weinig Armanipakkendragers die hem dat na kunnen zeggen. Maar ook bij Kat - zonder Armanipak - telt u daar een heuse hedgefundfee voor neer: 1,75% + 20% met high water mark.

Online magazine ETF's