Peter van Kleef was tot en met 2014 hoofdredacteur van IEXProfs.

Hij is sinds 2001 actief in de financiële journalistiek met een uitgebreid freelance-verleden en een lange geschiedenis bij IEX. Hij is ook de bedenker en samensteller van de IEX Fonds 40 en de IEX Defensieve 30

. Sinds 2015 is Van Kleef chief editor Investment Writing & Translations bij Robeco.
Column

Over tijd en timing en zo...

Sommige beleggers zweren bij het timen van de markt, anderen zeggen dat 'tijd' alles is. Maar er komt meer bij kijken.

“Timing is alles”, zeggen ze. Dat is een leugen. Tijd is alles.

Die quote is van mijzelf, uit een artikel van een aantal maanden geleden. Daarin betoogde ik dat niet timing (het kiezen van de juiste instap- en uitstapmomenten), maar tijd alles is. Wie veel tijd heeft, haalt uiteindelijk het beste rendement. Daar zit wat in, maar er komt meer bij kijken.

In een periode van, zeg, dertig jaar gebeurt er veel op de markten. Je kunt goede en slechte decennia meemaken, en het is zeker voor beleggers die elk jaar (of elke maand) geld inleggen van groot belang wanneer de goede en slechte decennia plaatsvinden in die tijdspanne van 30 jaar.

Daar kun je als belegger weinig invloed op uitoefenen. je bent overgeleverd aan de grillen van de markt. Slechte decennia komen onverwacht. De jaren '00 van deze eeuw, de jaren '70 en de jaren '30 van de vorige eeuw. Af en toe duikt een verloren decennium op. Maar het maakt voor beleggers een enorm verschil of die magere jaren aan het begin of juist aan het eind van je beleggingsjaren plaatsvinden.

Of dat ze helemaal niet voorkomen en de markt 30 jaar lang gestaag stijgt, volgens het langjarig gemiddelde van een procent of 7.

De middelste lijn in deze grafiek (bron: NY Times) is die van een gestaag stijgende markt. De andere twee lijnen laten een middelportefeuille zien met een bullmarkt aan het begin (onderste lijn, aan het eind) en met een bullmarkt aan het eind (bovenste lijn). Uiteraard geldt precies het omgekeerde effect bij bearmarkten. Dat is natuurlijk logisch. Naarmate de tijd verstrijkt, groeit het belegd vermogen en wordt de impact van marktbewegingen groter. Een slechte start is met andere woorden het halve werk. 

Hier zien we ook meteen het probleem dat je kunt hebben met lifecyclefondsen (of target date-fondsen). De bovenstaande grafiek houdt alleen rekening met aandelenrendement. In lifecyclefondsen wordt het percentage aandelen elk jaar iets afgebouwd ten opzichte van obligaties, om zo het risico af te bouwen naarmate de einddatum nadert. Dat is logisch, omdat je niet vlak voor je pensioen met een enorm verlies wil worden opgezadeld. 

Toch is daar wel wat op aan te merken. Twee dingen met name. Ten eerste moet je je in het huidige tijdperk afvragen of het oude adagium 'aandelen zijn risicovol, obligaties risicovrij' nog wel geldt. Ten tweede is de combinatie lifecyclefonds & middelen geen gelukkige. Want dan zit je in de opbouwfase met relatief weinig geld en relatief veel risico, en in de eindfase met relatief veel geld en weinig risico. Dat kan alleen maar leiden tot een rendement dat aanzienlijk achterblijft op het historisch gemiddelde rendement van een gespreide portefeuille.


 

 


Peter van Kleef was tot en met 2014 hoofdredacteur van IEXProfs. De informatie in deze column is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen.

Lees meer

    China; opnieuw lieveling van beleggers?