Smart beta valstrikken

Wat kan er allemaal misgaan met de nieuwe loten aan de ETF-stam? Een aantal gevaren aan smart beta ETF’s op een rij.

Nieuwe uitvindingen vragen tijd voordat men de gevaren juist kan inschatten. Dat is niet anders in de nichesector van smart beta ETF’s. Wat kan er allemaal misgaan met de nieuwe loten aan de ETF-stam? ETF.com zet op een rij, welke gevaren kleven aan smart beta ETF’s

False alpha
Een van de grootste gevaren van deze alternatieve beleggingsvormen, is dat zij  u kunnen inpalmen met het idee de beste manier te hebben om de markt te verslaan, terwijl u alleen maar meer risico aangaat. Er worden talloze strategieën aangeboden om de S&P500 te verslaan. Onderstaande grafiek geeft een indruk van de diversiteit aan producten met hun rendement. 

De neiging bestaat om naar de toppers in de lijst te kijken. SPHB koopt de 100 aandelen met de hoogste beta in de S&P500. Gemiddeld bedraagt de beta van het fonds 1,44. Men kan dus denken, een stijging of daling van 1% in de S&P500 is voor 1,44% voelbaar in de ETF. Maar het risico naar beneden is veel groter, dan wanneer de S&P500 stijgt. Conclusie: smart beta brengt andere risico’s met zich mee, dan simpel indexbeleggen. Beleggers moeten zich goed bewust zijn in hoeverre de smart-factor invloed heeft op de beta-factor.

Kuddegedrag
Zolang beleggers hun ogen wijd open hebben en weten wat zij doen, is er niets aan de hand. Een bewuste strategie is goed, zolang u maar weet wat u doet. Maar soms is een rendement onverklaarbaar hoog. In de jaren 2013 en 2013 trok de lowvol-trend veel beleggers aan en daarmee ook veel kapitaal. Het was de snelst groeiende categorie binnen de ETF’s. Iedereen wilde profiteren van deze anomalie. Tijdens de top stroomde meer dan 12 miljard dollar aan vers kapitaal in deze lowvol-strategieën. 

Toen meer en meer geld instroomde nam het rendement ook af. Tijdens de correctie in 2013 bleven de prestaties van de lowvol-ETF’s flink achter. Waarom die lowvol anomalie verdween is onduidelijk. Volgens ETF.com kan het wel eens te maken hebben met de efficiënte markt. Als iets te mooi is om waar te zijn, dan stroomt de kudde toe. Zodra de massa instapt, dan wordt elke inefficiëntie daarmee opgeheven. 

Tracking
Marktgewogen indexfondsen zijn makkelijk om te beheren. Hebt u eenmaal de portefeuille in juiste samenstelling, dan hoeft u niet veel meer te doen. Hooguit de dividenden herbeleggen. Smart beta-fondsen zijn van een totaal andere orde. De assets hebben een verschillende weging, alles is afgestemd op de slimme strategie, vaak moet een herweging plaatsvinden. Het houdt in dat het moeilijker is om een smart beta index te volgen, dan een recht toe, recht aan aandelenindex.

De tracking difference tussen een ETF op de S&P500 en de index zelf is niet veel. Veel groter is het verschil tussen bijvoorbeeld de iShares MSCI USA Minimum Volatility ETF en de index die het volgt. Uitschieters gaan tot 40 basispunten. 

Trading
Smart beta ETF’s hebben iets gemeen met alle niche producten in deze sector. Zij worden niet echt goed verhandeld, terwijl de doorsnee ETF’s dat juist goed doen. Een premie of korting, veroorzaakt door de sterke fluctuaties in de fondsen, komt veel voor bij smart beta ETF’s. Juist omdat deze strategieën geen standaard index volgen is het moeilijker voor marktpartijen om positie te kiezen. Dat betekent dat de prijs meer fluctureren kan voordat iemand een positie inneemt.

Al deze factoren kunnen niet voorkomen worden, meent ETF.com. Ze horen er gewoon bij ETF’s en zijn ook makkelijk te signaleren. De les? Kijk goed uit, voordat u oversteekt. 

De Redactie van IEXProfs bestaat uit verschillende journalisten. De informatie in dit artikel is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies, of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Het is mogelijk dat redactieleden posities hebben in een of meer van de genoemde fondsen. Klik hier voor een overzicht van hun beleggingen.

China; opnieuw lieveling van beleggers?