Peter van Kleef was tot en met 2014 hoofdredacteur van IEXProfs.

Hij is sinds 2001 actief in de financiële journalistiek met een uitgebreid freelance-verleden en een lange geschiedenis bij IEX. Hij is ook de bedenker en samensteller van de IEX Fonds 40 en de IEX Defensieve 30

. Sinds 2015 is Van Kleef chief editor Investment Writing & Translations bij Robeco.
Nieuws

Kleiner is fijner (2)

Cultuurbewaking is misschien wel dé sleutel voor boutiques tot duurzaam succes. Skagen en Comgest zijn zich dat bewust.

In de queeste naar alpha raken fondsbeleggers niet zelden onder de indruk van kleine, vaak gespecialiseerde beleggingsboutiques. Fondshuizen met een goed verhaal, die bovendien vaak ook pronken met fraaie rendementen. Bovendien hebben beleggers – het zijn soms net mensen – in de regel een zwak voor de kleine spelers in de markt die zich dapper staande houden in het marketinggeweld van de grote fondshuizen. Deel 2.

Cultuurbewaking is voor boutiques een heikel punt, ook voor Comgest en Skagen, twee fondsen die in het onderzoek van Freund (zie deel 1) onder de boutiques werden geschaard – net als Carmignac toen nog. De weg die Carmignac ingeslagen is, is niet de weg van Comgest en Skagen, stellen respectievelijk Lodewijk van der Kroft en Michiel Krauss die in Nederland deze twee boutiques vertegenwoordigen. “Bij Skagen zijn we geen kwartaalgedreven performancejagers”, stelt Krauss. “We communiceren steeds duidelijk dat we langetermijnbeleggers zijn. Doordat de vier oprichters nog steeds eigenaar zijn, hebben we daar ook de ruimte voor.”

Skagen is volledig in handen van de oprichters en het personeel. De fondsbeheerders zijn contractueel verplicht in hun eigen fondsen te beleggen. Een deel van de winstdeling vloeit automatisch daarheen om alignment of interest met de klanten te waarborgen. “De oprichters zijn echte hoeders van de Skagen-cultuur. Ze hebben de kernwaarden duidelijk geformuleerd." Op die kernwaarden wordt iedereen ook jaarlijks beoordeeld: 

  • opgewektheid
  • teamplay
  • toewijding
  • betrouwbaarheid
  • uniciteit

Volgens Krauss streeft Skagen er niet alleen naar een goed voor risico-gecorrigeerd rendement te behalen maar ook het beste jongetje van de klas te zijn in communicatie en service. “Performance is uiteraard belangrijk, maar dat moet gepaard gaan met uitstekende dienstverlening en heldere communicatie.” Opvallend is verder dat Skagen zonder analisten werkt. “Wij willen niet dat fondsmanagers uiteindelijk toch maar aandelen kopen om een sectoranalist te vriend te houden. Bij ons is een fondsbeheerder generalist, expert en beslissingnemer. Dan is meteen duidelijk wie verantwoordelijk is.”

Teamprestaties
Volgens Krauss wil Skagen geen star managers, maar een teamprestatie. “De beheerteams worden zo samengesteld dat vertrekkende fondsbeheerders intern kunnen worden opgevangen met behoud van de huisstijl.” Grootste aap De eigendomstructuur van Comgest is al even helder. De twee oprichters van de vermogensbeheerder (anno 1985), Wedig von Gaudecker en Jean-Francois Canton zijn als commissaris nog steeds nauw betrokken en nog altijd mede-eigenaar. De stijl die zij introduceerden, die van ‘luie beleggers’, wordt nog altijd gehanteerd door Comgest.

“Wij hebben een soort holdingaanpak. Idealiter zouden we onze posities nooit verkopen. De Franse assetmanager werkt met geconcentreerde portefeuilles van zo’n 25 (in Europa) tot ongeveer 40 (in opkomende markten) posities. “We weten heel goed wat we niet willen. Voordat we een aandeel kopen stellen we onszelf een paar vragen: willen we in deze sector zitten? – we hebben nog nooit één westerse bank in portefeuille gehad – en willen we met deze mensen in zee? Zeker in opkomende markten word je door schade en schande wijs op dat punt.”

Grootste aap
Nieuwe werknemers beginnen bij Comgest als analist, met als doelstelling om zo snel mogelijk door te stromen richting portefeuillebeheer. Wie langer dan drie jaar in dienst is, kan aandeelhouder worden. De vermogensbeheerder is volledig eigendom van directie en personeel. “Aandelen moet je kopen, je krijgt ze niet. En het is niet zo dat de oprichters een meerderheid hebben. Back office-personeel heeft een derde van het aandelenkapitaal in bezit.” Het bijzondere is dat iedereen van elkaar weet hoeveel aandelen de ander heeft. “Dat hoort bij de bedrijfscultuur. Je moet elke dag bewijzen waarom je de grootste aap in de boom bent en het hoogste salaris en de meeste aandelen hebt.”

Comgest beheert alleen aandelenfondsen. Het zit volgens Van der Kroft niet in de cultuur om anderen ook fondsen in andere asset classes aan te bieden. “Een paar jaar geleden was 130/30 hip, maar wij deden niet mee. Als je short wilt gaan, moet je vinger aan de knoppen houden. Wij zijn langetermijnbeleggers. De fondsbeheerders moeten naar de centrale hal lopen om op een Bloombergterminal de actuele koersen te checken. Het frivoolste dat wij ons gepermitteerd hebben, is – op verzoek van een institutionele klant – een aandelen opkomende markten- fonds met een hedgestrategie op de VIX-index.”

Gezond verstand 
Wie denkt met een handvol topfondsen van boutiques snel rijk te kunnen worden, komt ongetwijfeld van een koude kermis thuis. Maar door de jaren heen hebben fondsen als Skagen Global, Skagen Kon-Tiki, Comgest Growth Europe hun index mijlenver achter zich gelaten. Veel meer dan de alpha die boutiques over de hele breedte toevoegen ten opzichte van de grote fondshuizen. Dat kan alleen maar betekenen dat ook bij boutiques soms bleederfondsen onvermijdelijk zijn. Beleggers blijven bij hun fondspicking aangewezen op het gezonde verstand en behoorlijk huiswerk.

Vasthouden aan de oude boutique-cultuur is voorwaarde nummer één en veel belangrijker dan rendementen uit het verleden en zelfs dan ‘harde criteria’ als vermogen onder beheer of het aantal fondsen. Een groei van die laatste twee maakt de cultuurbewaking er natuurlijk niet eenvoudiger op. Soms is kleiner gewoon fijner.


Van Eldiks Blik

(Henk van Eldik, CIO Mutual Fund Consulting)

Henk van Eldik adviseert vanuit Luxemburg institutionele beleggers, onder meer bij selectie van boutiques. Wat onderscheidt volgens hem een goede beleggings boutique? “Als je voor het grote geld en de beroemdheid gaat, ga voor een van de grote namen werken en de kans daarop is vele malen groter. Of om het in de woorden van Ron Wood van de Stones uit te drukken op de vraag wat hij prefereerde: seks, drugs of rock & roll? Zijn simpele antwoord: rock & roll. De seks en drugs komen vanzelf. Maar wat zijn dan die punten die van een boutique een goede boutique maken?

  1. Overtuiging en commitment. De manager heeft een bepaalde beleggingstijl en blijft daaraan trouw. Door dit alsmaar verder aan te scherpen, wordt hij hier steeds beter in. Hij onderscheidt zich van de massa door in jaren waarin zijn stijl minder werkt, gewoon door te gaan en blijft bij zijn overtuiging. 

  2. De manager heeft zijn eigen geld belegd in de strategie, zodat zijn belangen in lijn staan met zijn beleggers. Dit hoeft niet zijn gehele kapitaal te zijn, maar als het slechts een klein gedeelte is, moet je je afvragen waarom dit zo is. 

  3. De manager is bij voorkeur eigenaar van zijn onderneming, maar heeft zeker geen grootaandeelhouder, waardoor hij in bepaalde situaties onder druk kan komen te staan om andere prioriteiten te stellen dan het rendement voor zijn klant.


  • dit artikel werd eerder gepubliceerd in de decemberuitgave van IEXProfs magazine

IEXProfs magazine


Peter van Kleef was tot en met 2014 hoofdredacteur van IEXProfs. De informatie in deze column is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen.

Lees meer

China; opnieuw lieveling van beleggers?