Nieuws

Wat zijn E, S en G afzonderlijk waard?

Op de korte termijn is de G van goed bestuur de belangrijkste factor voor een hoog duurzaam rendement. Op de lange termijn zijn de E (milieu) en S (sociale verantwoordelijkheid) minstens zo belangrijk, aldus onderzoek.

Beleggers die veel waarde hechten aan een hoge ESG-score van hun aandelenportefeuille mogen de G  absoluut niet negeren. Vooral op korte termijn is fatsoenlijk bestuur van grote waarde voor de bedrijfsresultaten, zo blijkt uit een studie van Guido Giese, Zoltán Nagy en Linda-Eling Lee, die gepubliceerd is in het Journal of Portfolio Management.

Goed bestuur voorkomt grote problemen zoals fraude en corruptie die bedrijven in het verleden vaak de kop hebben gekost. Maar het zorgt ook voor kostenefficiëntie en betere beleidskeuzes.

Lange termijn

Op de lange termijn worden de S en E van milieubewust steeds belangrijker. Dat komt omdat het hierbij om zaken gaat met een meer cumulatief karakter. Zo wordt slechte betaling en behandeling van werknemers pas een probleem als het lang aanhoudt.

De CO2-uitstoot of de overstap naar elektrische auto’s zijn ook goede voorbeelden. In het begin zullen maar weinig beleggers er over vallen als bedrijven maatregelen uitstellen, maar hoe langer er niks wordt gedaan om milieuvervuiling te voorkomen, des te groter worden de risico’s, en des te moeilijker wordt het om de omslag nog te maken.

Wat dat betreft is de veroordeling van Shell deze week door een Nederlandse rechter voor een gebrek aan daadkracht bij de CO2-reductie een duidelijke boodschap.

Een uitgewogen balans

Het beste voor beleggers is uiteindelijk om de drie factoren zo goed mogelijk te combineren. Uit de studie blijkt dat er op dit terrein nog veel werk te verrichten valt. Een van de grote frustraties van beleggers is dat de ESG-kwalificatiesystemen sterk van elkaar kunnen verschillen. Zo wordt er bij de ene methode alleen maar rekening gehouden met E, terwijl een ander juist weer meer nadruk legt op G of S. 

E, S en G verdienen een gelijk gewicht in de beoordeling. Het is daarbij goed te weten dat de drie factoren echt van elkaar verschillen. Als een bedrijf een hoge G-score heeft, dan scoort deze per definitie niet ook goed op de andere ESG-letters.

Verder is het belangrijk om het ESG-gehalte van bedrijven per industrietak te evalueren. Dus niet de energie- en de voedingssector op een hoop gooien. Dan wordt het appels met peren vergelijken.

Hogere winsten

Een ding is zeker. Een hoge ESG-waardering heeft los van het maatschappelijke nut zeker drie positieve effecten op de bedrijfsresultaten en daarmee op den duur ook op de rendementen.

  1. Bedrijven met een hoge ESG-score zijn vaak winstgevender, hebben stabielere inkomsten en betalen meer dividend uit. Dat heeft ongetwijfeld te maken met de aantrekkingskracht die dit soort bedrijven uitoefenen op jong talent en consumenten.
  2. Ze reageren in de regel beter en sneller op gevaren die er op hun bedrijfstak afkomen.
  3. Het is voor deze bedrijven makkelijker en goedkoper om aan geld te komen voor nieuwe investeringen. Dat maakt ze een stuk flexibeler als de marktomstandigheden snel veranderen.

De Redactie van IEXProfs bestaat uit verschillende journalisten. De informatie in dit artikel is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies, of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Het is mogelijk dat redactieleden posities hebben in een of meer van de genoemde fondsen. Klik hier voor een overzicht van hun beleggingen.

Lees meer

De impact van het coronavirus