Walter Jans is directeur van research- en opleidingsinstituut BBOC.
Nieuws

Modelportefeuilles onder de loep

Modelportefeuilles blijken erg te verschillen. Van aandelen en obligaties tot toeters en bellen. ETF's rukken snel op.

Bij opleidings- en researchinstituut BBOC volgen we de prestaties van meer dan honderd modelportefeuilles van twintig aanbieders. Van die twintig bieden er slechts vier modelportefeuilles aan die alleen maar uit aandelen en obligaties bestaan. Dit zijn Allianz, AXA, Petercam en Westland Utrecht. De modelportefeuilles van Allianz hebben de afgelopen jaren overigens zeer goed gescoord.

De vraag is echter of zij dat de komende jaren met de huidige asset-mix kunnen voortzetten, omdat de vooruitzichten voor de obligatiemarkt vanwege de lage rentestand zeer mager zijn. Petercam was met deze eenvoudige asset-mix van aandelen en obligaties de afgelopen jaren een goede middenmoter. Westland Utrecht zat iets onder de middenmoot. Dat geldt niet voor AXA, inmiddels onderdeel van Zwitserleven. Die aanbieder is hekkensluiter in de meeste risicocategorieën.

De reden hiervan is dat de AXA Model Funds tijdens de geldmarktcrisis een groot deel van hun obligatieportefeuille hadden ingevuld met illiquide geldmarktinstrumenten waarvan de waarde hard daalde. Saillant detail daarbij is dat de AXA Model Funds kort daarvoor bij zowel de FD Morningstar Awards 2006 als in de Geldgids van de Consumentenbond (maart 2007) waren uitgeroepen tot de beste modelportefeuilles.

Actief of passief
Zes van de twintig aanbieders maken in hun modelportefeuilles gebruik van drie of vier traditionele beleggingscategorieën. Naast aandelen en obligaties bevatten hun portefeuilles ook een percentage vastgoed of liquiditeiten. ING scoort met de Dynamic Mix Funds. Een aanbieder die het minder goed doet is Robeco met de Persoonlijk Vermogensbeheer Portefeuilles. Opvallend is dat maar liefst negen van de twintig aanbieders hedgefondsen in modelportefeuilles hebben.

Veelal betreft dit (kleinere) vermogensbeheerders (onder meer Today’s, Insinger, Optimix en Inmaxxa), maar ook de modelfunds van BNP Paribas en Blackrock (Fund of iShares) alloceren een gedeelte van het fondsvermogen naar hedgefondsen. De partij die het meeste succes heeft met deze benadering is BlackRock. Hierbij moet wel worden vermeld dat Blackrock naast hedgefondsen ook nog grondstoffen en private equity in zijn modelportefeuilles aanhoudt en niet in actieve, maar in passieve fondsen belegt.

Synthetische TER
De verschillende beleggingsinstrumenten vormen als het ware de bouwstenen van de modelportefeuille. Het meest rechttoe rechtaan is de modelportefeuille die rechtstreeks belegt in de individuele titels zoals aandelen, en dus niet in fondsen. Bekende voorbeelden hiervan zijn de mixfondsen van Robeco, ING, BNP, SNS en Petercam. Over het algemeen scoren deze fondsen bovengemiddeld en qua kosten (TER) zitten zij aan de onderkant.

Vervolgens is er een grote groep van aanbieders die investeren in beleggingsfondsen. Bij de fondsaanbieders zijn dit vaak huisfondsen of een combinatie van huisfondsen en derden fondsen en bij de (kleinere) vermogensbeheerders gaat het doorgaans om fondsen van derden. Bij deze structuur krijgen we te maken met een dubbele kostenlaag en moeten we goed kijken wat de synthetische TER is. Dat zijn de kosten van het fonds zelf plus die van de onderliggende fondsen.

Overigens hoeft een hoge TER een hoog nettorendement niet in de weg te staan. Het bewijs hiervan is het ABN Amro MM Funds Profile 4 (neutrale categorie). Met een geschatte synthetische TER van 2,78% staat dit fonds wel in de top 3 van neutrale modelportefeuilles. Een actueel thema dat bij deze structuur een rol speelt, is het aanstaande verbod op retourprovisies van fondshuizen aan vermogensbeheerders en grootbanken, waardoor deze structuur voor de aanbieder minder lonend wordt.

Beleggingsfilosofie
Wat betreft de gehanteerde beleggingsfilosofieën zijn er een paar interessante trends. De eerste trend is het gebruik van indexfondsen in modelportefeuilles. Diverse aanbieders bouwen hun modelportefeuille deels (Today’s) of geheel (Blackrock en Van Lanschot) op uit indexfondsen. Het gebruik van deze fondsen in een fund-of-funds-structuur drukt de kosten  aanzienlijk.

Een andere trend in de modelportefeuilles is de inzet van meer exotische beleggingscategorieën zoals hedgefondsen, grondstoffen en private equity. Deze portefeuilles maken optimaal gebruik van risicospreiding en zouden gezien de magere vooruitzichten voor de obligatiemarkt in combinatie met een hoge inflatieverwachting, weleens de toekomstige winnaars kunnen worden.

Deze bijdrage verscheen eerder in de printuitgave IEXProfs 01/11

Abonneer u op het IEX Profs Magazine

Walter Jans is directeur van research- en opleidingsinstituut BBOC. De informatie in deze column is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies.

Lees meer

Online magazine ETF's