Nieuws

Nederlands pensioenvermogen houdt koppositie

Het Nederlandse pensioenvermogen bedraagt inmiddels 214% van het bbp en blijft daarmee wereldwijd vooroplopen. Dan is onze pensioenpot de afgelopen tien jaar ook nog eens als hardste gegroeid, aldus het Thinking Ahead Institute van Willis Towers Watson.

Het wereldwijde institutionele pensioenvermogen in de 22 grootste markten is in 2020 met 11% gestegen tot 52,5 biljoen dollar, aldus de Global Pension Assets Study van het Thinking Ahead Institute van Willis Towers Watson. De VS blijft de grootste pensioenmarkt met 62% van het wereldwijde vermogen, gevolgd door Japan en het VK met respectievelijk 6,9% en 6,8%.

Plus 11,2% in 2020

Volgens de studie is de verhouding tussen het pensioenvermogen en het gemiddelde bbp aanzienlijk gestegen: met 11,2% tot 80,0% eind 2020. Dit is de grootste stijging op jaarbasis sinds het begin van de studie in 1998, en evenaart de stijging in 2009. Toen maakte het pensioenvermogen na de wereldwijde financiële crisis een comeback. 

Hoewel deze indicator doorgaans wijst op een sterker pensioenstelsel, zegt de scherpte van de stijging ook iets over de economische impact van de pandemie op het bbp van landen. Kijkend naar de zeven grootste pensioenmarkten wordt de trend nog duidelijker, met een stijging van 20% van de verhouding tussen pensioenvermogen en bbp, tot 147% in 2020, ten opzichte van 127% in het jaar ervoor.

Meer alternatieve beleggingen

Uit het onderzoek blijkt ook dat de verschuiving naar alternatieve beleggingscategorieën doorzet, een trend die nu al twee decennia is te zien. In 2000 was slechts 7% van het vermogen van de zeven grootste pensioenmarkten (P7) toegewezen aan private markten en andere alternatieve categorieën, vergeleken met meer dan een kwart (26%) eind 2020.

Deze verschuiving gaat grotendeels ten koste van aandelen, die in dezelfde periode zijn gedaald van 60% naar 43%. De allocatie naar obligaties is slechts marginaal gedaald van 31% naar 29%. De gemiddelde vermogensallocatie van de P7 is momenteel aandelen 43%, obligaties 29%, alternatieve categorieën 26% en cash 2%.

Sterke stijging DC-vermogen

DC-vermogen vertegenwoordigt momenteel naar schatting bijna 53% van de totale pensioenactiva in de zeven grootste pensioenmarkten, ten opzichte van 35% in 2000. Hiermee is DC het dominante model wereldwijd voor pensioenen. In de afgelopen tien jaar is het DC-vermogen met 8,2% per jaar gegroeid. Het defined benefit- (DB-)vermogen is minder snel gegroeid, namelijk met 4,3%. Australië heeft het hoogste aandeel DC-vermogen, met 86% van het totale pensioenvermogen. In andere landen domineert het DB-vermogen nog steeds, in Nederland met 94%.

Geen coronaschade

Een tevreden Marisa Hall, co-head van het Thinking Ahead Institute: "In een zeer tumultueus jaar bleven pensioenfondsen in 2020 sterk groeien, geholpen door aanhoudende thema’s die al meerdere decennia spelen, zoals de verschuiving van aandelen naar alternatieve beleggingscategorieën en de groei van DC, wat nu het dominante wereldwijde pensioenmodel is. Dit schetst het beeld van een veerkrachtige sector die in een goede gezondheid verkeert en zich in een relatief goede positie bevindt om de gevolgen—economisch en anderszins—van de aanhoudende pandemie te doorstaan."

De Redactie van IEXProfs bestaat uit verschillende journalisten. De informatie in dit artikel is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies, of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Het is mogelijk dat redactieleden posities hebben in een of meer van de genoemde fondsen. Klik hier voor een overzicht van hun beleggingen.

Lees meer

China; opnieuw lieveling van beleggers?