Nieuws

Grote rendementsverschillen tussen Europese beurzen

Aandelen uit Duitsland en Scandinavië lijken amper last te hebben van de coronacrisis, terwijl Spaanse beleggers year-to-date op een verlies van meer dan een kwart staan. Wat verklaart die grote rendementsverschillen?

Wie de Europees aandelenbeurzen volgt, zal ongetwijfeld hebben opgemerkt dat er grote regionale verschillen bestaan. De Spaanse Ibex-index heeft bijvoorbeeld nog niets gemerkt van een economisch herstel en staat op een verlies van 26%. De Britse FTSE 100-index vergaat het niet veel beter met een min van 20%.

In Duitsland en Scandinavië gaat het daarentegen veel beter. De Duitse DAX 30-index heeft de verliezen van maart zo goed als weggewerkt, de Zweedse OMX 30 staat op een kleine winst en de Deense OMX 25-index staat zelfs bijna 20% hoger. Hoe kan dat?

Andere samenstelling

Aandelenexperts zoeken het antwoord vaak als eerste in de samenstelling van de indices. Zo heeft Denemarken geen aandelen uit de olie-en gasindustrie in de hoofdindex, maar wel windenergiebedrijf Vestas. Frankrijk, Groot-Brittannië en Spanje hebben wel grote olie- en gasbedrijven. Dat maakt veel uit, want oliebedrijven hebben dit jaar tientallen procenten verloren, terwijl Vestas meer dan 40% erbij kreeg.

Een ander verschil in samenstelling zit hem in banken en vastgoed, twee sectoren die het dit jaar heel slecht gedaan hebben. In de Duitse DAX 30 zit nog maar een bank (Deutsche Bank). Het heeft wel twee vastgoedfondsen, maar dat zijn woningfondsen, de enige vastgoedcategorie, samen met logistiek, die nog wel in trek is.

In de Britse FTSE 100-index en de Spaanse IBEX 35 wemelt het daarentegen van de banken, energiebedrijven en andere sectoren die het niet goed doen dit jaar zoals telecom, vastgoed en toerisme.

Economische structuur

Maar volgens een artikel in de Wall Street Journal is het niet alleen de indexsamenstelling die verantwoordelijk is voor de uiteenlopende prestaties. Een andere oorzaak zou de economische structuur van een land zijn.

Duitsland is een van de grootste exportlanden ter wereld en China is een van de belangrijkste afzetmarkten. Dus als het goed gaat in China, is dat over het algemeen ook goed voor Duitse bedrijven.

Aangezien China behoort tot de landen die het minste last hebben van covid-19 werkt dat dus in het voordeel van industriebedrijven als Volkswagen, BMW, Daimler, Continental, Siemens, Linde en BASF, stuk voor stuk zwaargewichten in de
DAX.

Het zijn volgens The Wall Street Journal bovendien bedrijven die goed bij kas zitten, en dus niet snel in liquiditeitsproblemen komen. Ook dat is in deze crisis een groot voordeel.

Macro-economisch

Tenslotte zijn er macro-economische verschillen. De Spaanse centrale bank verlaagde vorige week de economische verwachting voor dit jaar naar een krimp van tussen de 10,5% en 12,6%.

Dat is gigantisch in vergelijking met Duitsland dat uitgaat van een krimp met slechts 6%. De Duitse economische prognoses worden bovendien constant naar boven bijgesteld. Hetzelfde geldt voor Zweden en Denemarken die uitgaan van een economische teruggang met respectievelijk 4,6% en 4,5%. Dat deze landen meer overheidssteun kunnen geven, speelt daarbij natuurlijk een rol.

Nederland zit met een krimp van 5,2% iets onder de Scandinavische landen en net boven Duitsland. De AEX-index staat op een verlies van ongeveer 8% (exclusief dividend). Dat is knap met het zware gewicht van de financials en Royal Dutch Shell. Gelukkig voor AEX-beleggers weegt het diep gevallen vastgoedfonds Unibail Rodamco niet zo zwaar mee.

De Redactie van IEXProfs bestaat uit verschillende journalisten. De informatie in dit artikel is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies, of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Het is mogelijk dat redactieleden posities hebben in een of meer van de genoemde fondsen. Klik hier voor een overzicht van hun beleggingen.

Lees meer

De impact van het coronavirus