Nieuws

De bulls versus de bears

Voor elke belegging is er een bull- en een bearmarkt-scenario te bedenken. Ben Carlson doet dat voor bitcoins, obligaties, smallcaps, groei- en waarde-aandelen en aandelen uit de S&P, Nasdaq, opkomende markten en Europa.

Er zijn argumenten te bedenken vóór en tégen een doorlopende rally in technologieaandelen, net zoals dat geldt voor een opleving van waarde-aandelen, bitcoins, opkomende markten of obligaties.

Er is geen absolute waarheid en beleggers die denken de waarheid in pacht te hebben, zijn volgens vermogensbeheerder Ben Carlson vaak gedoemd te mislukken.

Er zijn eenvoudigweg teveel onbekende en externe factoren om exact te kunnen voorspellen wat er met de economie, de markten, sectoren en bedrijven zal gebeuren. 

Het is daarom altijd goed om voor beleggingen naar een bull- en bearmarkt-scenario te kijken. In zijn blog A Wealth of Common Sense doet Carson dat voor acht verschillende soorten beleggingen.

S&P 500

  • Bullmarkt: De Amerikaanse economie staat er macro-economisch gezien goed voor. Daar komt bij dat de S&P 500-index gedomineerd wordt door enkele van de beste, rijkste en slimste technologiebedrijven ter wereld die steeds meer marktaandeel veroveren. Daar kun je altijd een weddenschap op afsluiten.
  • Bearmarkt: Het feit dat technologieaandelen het de afgelopen tien jaar fantastisch hebben gedaan, wil nog niet zeggen dat dit de volgende tien jaar weer zo zal zijn. Laten we niet vergeten dat de bullmarkt in groeiaandelen volgde op een bearmarkt die ook tien jaar duurde van 2000 tot 2009. Doordat bedrijven als Apple, Amazon, Microsoft en Alphabet tegenwoordig een enorm gewicht in portefeuilles hebben zullen de gevolgen van een koerscorrectie bovendien extra pijnlijk zijn, wat weer kan leiden tot nieuwe verkooporders.

Nasdaq 100

  • Bullmarkt: Soms gebeuren er gekke dingen. De Nasdaq is dit jaar bijna 40% gestegen, ondanks de crisis. Of misschien wel dankzij, want zonder Covid-19 hadden e-commerce, video-on-demand en computergames nooit zo’n vlucht genomen. De grote technologiebedrijven profiteren het meest. Zij komen het makkelijkst aan geld, dat voor hun vrijwel gratis op straat  ligt. Zij kunnen dus overnames doen bij de vleet, om zodoende hun marktmacht steeds verder uit te breiden.
  • Bearmarkt: Het is ook hier verstandig een blik op het verleden te werpen. In 1999 kon de koek met de internetbedrijven ook niet op. De New Economy zou alles veranderen, tot in 2000 de grote klap kwam en de Nasdaq 80% van zijn waarde verloor. Het zou tot 2015 duren voor dit verlies was weggewerkt. Een dermate grote daling van de Nasdaq valt dit keer niet te verwachten omdat de technologiebedrijven van nu winstgevend zijn, maar een correctie is heel goed mogelijk.

Smallcaps

  • Bullmarkt: Er valt weinig tegen in te brengen dat 2020 hét jaar is van de Big Tech-aandelen, terwijl smallcaps ver achter blijven. Je zou daardoor haast vergeten dat smallcaps het de afgelopen 20 jaar beter hebben gedaan dan largecaps. Het is goed mogelijk dat als de coronacrisis voorbij is, het wederom de creatieve en flexibele kleine bedrijven zijn die het best gebruik weten te maken van de kansen die zich dan voordoen.
  • Bearmarkt: Van de andere kant is het ook voorstelbaar dat we ons in een economische fase bevinden waarin het principe geldt van the winner takes it all. In de technologiewereld zijn er al meerdere bedrijven met monopolistische eigenschappen. Als kleine bedrijven in de weg zitten, worden die gewoon overgenomen. Dat kan ook makkelijk want waar de grote bedrijven makkelijk aan geld komen, is het voor de kleintjes juist lastig krediet te krijgen bij de bank. Het is een survival of the fittest, waarbij de grote de kleine opeten. En de smallcaps die dan nog overblijven worden overgenomen door private equity.

Opkomende markten

  • Bullmarkt: Er is veel te zeggen voor emerging markets. Ten eerste is de economische groei in deze landen het hoogst. De aandelenmarkten zijn tegenwoordig breder samengesteld waardoor er ook meer technologie- en consumentenbedrijven beschikbaar zijn. EM-aandelen zijn bovendien relatief goedkoop. En de zwakke dollar werkt in hun voordeel.
  • Bearmarkt: Opkomende markten worden van de andere kant het hardst geraakt door de coronacrisis. Ze hebben niet de medische voorzieningen zoals wij die hebben. Ten tweede krijgt de belangrijke export een klap en tenslotte heten ze niet voor niets opkomende markten. Dat betekent meer corruptie. De kwaliteit van het toezicht laat te wensen over. En er zijn nog amper richtlijnen voor sociaal en duurzaam ondernemen.

Europa

  • Bullmarkt: Tussen 1970 en 2007 deden aandelen uit Europa het ongeveer even goed als de VS. Pas sinds de kredietcrisis van 2008 lopen de resultaten uiteen en doen Amerikaanse aandelen het veel beter. Dat heeft er toe geleid dat er grote verschillen in waardering zijn. Europese aandelen zijn bovendien niet alleen goedkoper, ze leveren ook meer dividend op. Goede voorwaarden zou je zeggen voor een inhaaleffect, zeker als de euro een beetje meewerkt, en na tien slechte jaren weer een stijgende lijn laat zien.
  • Bearmarkt: Het grote nadeel van Europa is dat ze weinig technologiebedrijven hebben en dus minder groeipotentieel. Dat wordt nog versterkt door een vergrijzende samenleving met een lage productiviteit. Europa zit wat dat betreft in hetzelfde schuitje als Japan, waar aandelen het al geruime tijd slechter doen dan in de VS. 

Waardeaandelen

  • Bullmarkt: Veel slechter kan het niet. De afgelopen tien jaar waren een ramp voor value-beleggers. Toch heeft het historisch gezien nog altijd geloond om bedrijven te kopen met een lage koers-winstverhouding en een solide balans. Waarom nu niet? Zeker als er weer een beetje inflatie komt, kan dat in het voordeel van waardeaandelen werken.
  • Bearmarkt: Waarde -beleggers hopen al heel lang op een comeback van waardeaandelen. Hedgefondsen die de laatste jaren hebben gespeculeerd op een herstel, brandden meestal de vingers. Misschien is de tijd van traditionele value-aandelen definitief voorbij. Misschien moeten de maatstaven voor wat value is en wat niet ook worden aangepast. Zelfs mensen als Warren Buffett kopen tegenwoordig meer Apple-aandelen dan traditionele value stocks.

Obligaties

  • Bullmarkt: Er is geen inflatie. Economisch gezien staat het er met de wereld niet al te best voor. Waarom zouden de reële rentes niet nog dieper in het rood zakken? Onmogelijk is dat niet. Voor obligatiehouders zou het een uitkomst zijn. De stijgende koersen zouden het gebrek aan rente-inkomsten ruimschoots opvangen.
  • Bearmarkt: Het grootste risico voor obligaties is inflatie. Centrale banken lijken tegenwoordig minder controle te hebben over het prijsniveau dan vroeger. Wat als de inflatie plotseling weer de kop opsteekt en centrale banken niet op tijd ingrijpen? Op de obligatiemarkt zou dat voor een waar slagveld zorgen.

Bitcoin

  • Bullmarkt: De bitcoin heeft de boom-and-bust-cyclus tussen 2017 en 2019 overleefd. Dat maakt de casus voor de digitale munt als een blijvertje een stuk sterker. Het geeft aan dat er veel mensen zijn die geloven in een toekomst van bitcoin als reservemunt. En geloof is niet onbelangrijk. De goudprijs wordt er ook voor een groot deel door bepaald.
  • Bearmarkt: De bitcoin heeft zich als spaarpotje bewezen, maar in de reële economie speelt het geen enkele rol van betekenis. Van de zogenoemde initial coin offerings (ICO’s) hoor je tegenwoordig weinig meer. Betalen met bitcoins kan bijna nergens, tenzij je wordt afgeperst, wapens wilt kopen of iets anders op het dark net.
De Redactie van IEXProfs bestaat uit verschillende journalisten. De informatie in dit artikel is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies, of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Het is mogelijk dat redactieleden posities hebben in een of meer van de genoemde fondsen. Klik hier voor een overzicht van hun beleggingen.

Lees meer

Assetallocatie