Nieuws

Staatsfondsen gaan voor passief, alternatief én factoren

Interessante uitkomsten uit de zesde Invesco Global Sovereign Asset Management Study. Zoals: "Alleen in Azië en het Midden-Oosten, waar de kapitaalmarkten minder efficiënt zijn dan in de VS en Europa, vervult actief beleggen nog een dominante rol.

Grote veranderingen in het beleggingsbeleid van wereldwijde staatsfondsen, ook wel bekend als sovereign wealth funds. Bijna de helft van de staatsfondsen heeft in de afgelopen drie jaar een aanzienlijk deel van de actieve aandelenbeleggingen verruild voor plain passieve en factorstrategieën. Als gevolg hiervan wordt nu nog maar 44% van de aandelenportefeuille actief beheerd.

Tegelijkertijd zijn aandelen obligaties voorbijgestreefd als belangrijkste beleggingscategorie, en is het gewicht van alternatieve beleggingen in zes jaar tijd verdubbeld. Een meerderheid van de staatsfondsen wil de komende jaren meer aan factorbeleggen doen.

Zo blijkt het laatste wereldwijde onderzoek naar het beleggingsgedrag van staatsfondsen en centrale banken, in opdracht van vermogensbeheerder Invesco. Aan de zesde Invesco Global Sovereign Asset Management Study deden in totaal 64 afzonderlijke staatsfondsen en 62 centrale banken mee, samen goed voor 17 biljoen dollar aan belegd vermogen.

De ondervraagde staatsfondsen behaalden in 2017 een rendement van 9,4%, ruim het dubbele van dat in 2016 (4,2%). Dit zijn de belangrijkste uitkomsten:

Meer passief

Uit het onderzoek blijkt duidelijk dat alleen in Azië en het Midden-Oosten, waar de kapitaalmarkten minder efficiënt zijn dan in de VS en Europa, actief beleggen nog een dominante rol vervult.

De komende drie jaar verwacht 40% van de staatsfondsen actieve aandelenbeleggingen verder terug te schroeven. Opvallend is dat een op de drie ook het gewicht van passief beleggen juist wil verkleinen.

Meer factorbeleggingen

Ruim de helft van de staatsfondsen verwacht de komende drie jaar meer te gaan factorbeleggen.

Meer aandelen

Het belang van aandelen is gestegen tot een derde van de portefeuille (in 2013 was dat 26%, in 2017 29%) en is nu groter dan het gewicht van vastrentende waarden, waar een daling tot 30% van de portefeuille plaatsvond.

Het toegenomen gewicht van aandelen is deels het gevolg van gestegen koersen, maar daarnaast hebben staatsfondsen ook de strategische keuze gemaakt om meer in aandelen te beleggen. 

Of dat zo blijft is nog de vraag. Ruim een derde van de staatsfondsen overweegt het gewicht van aandelen in de totale portefeuille op middellange termijn terug te brengen. Daarbij zal het echter gaan om relatief kleine reducties, en dan vooral door minder te kopen in plaats van daadwerkelijk te verkopen.

Van de fondsen die het gewicht van aandelen willen terugdringen, wijzen veel op het risico van een correctie door geopolitieke gebeurtenissen (handelsoorlog) of teruglopende economische groei.  

Meer alternatieve beleggingen

Alternatieve beleggingen zijn goed voor 20% van de portefeuille van de staatsfondsen. Daarbij gaat het onder meer om private equity, vastgoed (de belangrijkste alternatieve belegging), infrastuctuur (de sterkste groeier), hedgefondsen en grondstoffen. De aflopen zes jaar heeft zich in alternatives een sterke groei voorgedaan. In 2013 was slechts 10% van de portefeuilles gevuld met alternatieve beleggingen.

Ruim 60% van de respondenten laat wel weten private equity te duur te vinden. Omdat er veel geld op de plank ligt en de rente laag is drijven beleggers de prijs op.

Volgens de respondenten is het maximaliseren van het rendement een van de belangrijkste drijfveren om in niet-beursgenoteerde activa te beleggen, maar ook diversificatie en lange looptijden worden als een voordeel genoemd.

Maar minder kosten

De beleggingskosten tussen staatsfondsen verschillen enorm: van slechts enkele basispunten tot meer dan 100 basispunten van het belegd vermogen. De meeste respondenten betalen tussen de 25 en 45 basispunten. Vooral partijen in Europa en Noord-Amerika streven nadrukkelijk lagere fees na.

Tegelijkertijd worden performance fees steeds meer geaccepteerd. Een ruime meerderheid vindt het acceptabel als 25 tot 30% (39% van de respondenten) of 30 tot 40% (37% van de respondenten) van de outperformance (alpha)  aan de vermogensbeheerder wordt betaald.

De Redactie van IEXProfs bestaat uit verschillende journalisten. De informatie in dit artikel is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies, of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Het is mogelijk dat redactieleden posities hebben in een of meer van de genoemde fondsen. Klik hier voor een overzicht van hun beleggingen.

Lees meer

Fintech