Joost Ramaer is freelance journalist en schrijver van het boek De Geldpers – De teloorgang van het mediaconcern PCM (Prometheus, 2009). Over beleggen schreef hij eerder een wekelijkse column in NRC Handelsblad (2011-2013).

Nieuws

Jeremy Siegel gelooft in aandelen

Aandelenbeleggers zitten goed. Volgens professor Siegel, op bezoek in Amsterdam, renderen die 5% per jaar de komende tijd.

Een klein mannetje rent over het podium heen en weer. Als een op hol geslagen Woody Allen, uit diens mooiste film Manhattan. Maar dit keer gaat het niet over de hoogst particuliere en hoogst momentele besognes van een New Yorkse jood.

Jeremy Siegel, hoogleraar aan The Wharton School of Business aan de University of Pennsylvania, hanteert juist de extreme longterm view. Siegel bestudeert al decennia lang de bewegingen van de beurs sinds 1802 – het eerste jaar waarvan hij data kon vinden.

En wat blijkt, zo houdt hij zijn gehoor voor tijdens het congres Inside ETFs Europe in het Amsterdamse Okura Hotel?

In the long run, stocks are definitely NOT random walks.” Tussen 1802 en 2014 bedroeg het werkelijke rendement op aandelen gemiddeld 6,7% per jaar. Obligaties deden in die periode 3,5%, goud 0,5% en de dollar -1,4%.

Ook als u kijkt naar kortere periodes uit die 212 jaren, blijven aandelen opvallend constant presteren.

  • 1802-1870: gemiddeld 6,7% per jaar
  • 1871-1925: 6,6%
  • 1926-2014: 6,7%
  • 1946-2014: 6,8%

De uitschieters komen pas later.

  • 1946-1965: 10%
  • 1966-1981: -0,4%
  • 1982-1989: 13,6%
  • 2000-2014: 2,8%

Zeepbel misbruikt woord

Maar de periode 1982-1989, zo waarschuwt de academische satyr op het Okura-podium, “leidde ons naar de hoogste overwaardering van Amerikaanse aandelen ooit.”  Nederlandse aandelen blijven iets achter: gemiddeld 5% per jaar in de periode 1900-2013, tegen ongeveer 1,8% rendement op Nederlandse staatsleningen.

Duitsland opvallend genoeg nog meer: 3,8% op aandelen, -1,8% op Bunds. Siegel laat het daar niet bij. Hij neemt ons mee naar talloze andere criteria. Zoals de mediaan – het statistische gemiddelde – van de koers-winstverhouding van de S&P 500 tussen 1954 en 2015: 15, om en nabij.

Thans noteert die mediaan ongeveer 20. “Veel van mijn collega’s noemen de S&P 500 nu overgewaardeerd,” zegt Siegel. Onzin, vindt de Woody Allen impersonator. “Zeepbel is het meest misbruikte woord in de financiële wereld.” In 2000 bereikten de aandelen op de Nasdaq een koers-winstverhouding van liefst 600. “Now thát was a bubble.” Gelach in de zaal.

Optimistisch over aandelen

Siegel maant zijn gehoor wat vaker te kijken naar een heel andere maatstaf, die hij zelf heeft bedacht: earnings over yield, ofwel E/Y in plaats van P/E (de price-earnings ratio, zoals de koers-winstverhouding in Amerika heet).

“Het 140-jarig koers-winstverhoudinggemiddelde van 15 laat zich vertalen als één op vijftien” Het resultaat van die deling is 6,7 – ofwel het gemiddeld jaarrendement op aandelen sinds 1802. “Waar hebben we dat getal eerder gehoord,” roept Siegel theatraal. Wederom tot hilariteit van zijn gehoor.

“Over het algemeen ben ik optimistisch over aandelen,” geeft de professor ruiterlijk toe. Maar hij onderbouwt dat ook met een stortvloed aan cijfers. Hij relateert het beursrendement aan het Amerikaanse bruto nationaal product, de rente, de Cyclically Adjusted P/E Ratio (CAPE) van zijn collega en Nobelprijswinnaar Robert Shiller, en aan het rendement op obligaties. Steeds komen de aandelen er goed vanaf.

En dat zal zo blijven, denkt Siegel. Hij verwijst naar het stijgende aandeel van de winsten die Amerikaanse beursgenoteerde bedrijven in het buitenland behalen, de steeds zwaardere weging van hightech op de beurs, en de lage schuldenlast waarin bedrijven zich op dit moment verheugen.

Teveel compliance

“Die drie factoren zullen nog jaren voelbaar zijn.” Bedrijven hebben nu ook veel meer kasgeld dan schulden, en lenen steeds meer op de kapitaalmarkt in plaats van bij de bank. Tot slot buigt professor Woody Allen zich over de productiviteit. Die groeit de laatste jaren nauwelijks meer in de ontwikkelde wereld. Siegel denkt wel te weten hoe dat komt. “Toegenomen regelgeving en compliance,” geeft hij als verklaring.

En: “Een algehele val in de kwaliteitsnormen in het onderwijs.” Hij maakt zich daar ernstige zorgen over. “Decennia lang groeide de productiviteit met 2% per jaar. Dat komt neer op een verdubbeling van de levensstandaard iedere 35 jaar.” Als die verdubbeling ophoudt, heeft de westerse wereld een serieus probleem.

Maar aandelenbeleggers zitten voorlopig goed. Siegel voorspelt een gemiddeld jaarrendement van ongeveer 5%  voor de komende jaren.


Joost Ramaer is freelance journalist en schrijver van het boek De Geldpers – De teloorgang van het mediaconcern PCM (Prometheus, 2009). Over beleggen schreef hij eerder een wekelijkse column in NRC Handelsblad (2011-2013). De informatie in deze column is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen.

Lees meer

China; opnieuw lieveling van beleggers?