Nieuws

Vrees Japanscenario is prematuur

Het is prematuur om te concluderen dat Europa wegzakt in een Japanscenario. Er zijn veel verschillen te constateren.

De huidige rente op Europese staatsobligaties lijkt te impliceren dat de eurozone in een Japanscenario is beland. BNP Paribas Investment Partners vindt die conclusie echter prematuur.

Multi-asset specialisten Reinhold Knaus en Jason Tannen definiëren een Japanscenario als een situatie waarbij een deflatoire spiraal gevoed wordt door continue loonsverlagingen. Dat bevestigt enkel de deflatieverwachting en ondermijnt structureel de vraag en de bestedingen bij consumenten en bedrijven.

BNP Paribas IP ziet overeenkomsten tussen Japan en de eurozone, maar er moet nog heel wat water door de Rijn stromen voordat er sprake is van een Japan-scenario. In het land van de rijzende zon duurde het een decennium voordat met zich realiseerde wat er aan de hand was. Alleen de toekomst kan leren wat er in Europa gaande is.

De twee specialisten signaleren een aantal belangrijke verschillen tussen de beide regio’s:

  • In Japan sloeg de loondeflatie acht jaar nadat de asset-prijzen piekten toe; in Europa piekten assets voorafgaand aan de financiële crisis, dat zou betekenen dat dit jaar de loondeflatie door moet zetten.
  • Zwak fiscaal en traag monetair beleid verergerden de situatie in Japan. In Europa is de ECB actiever en zijn ook structurele hervormingen in gang gezet.
  • De demografische situatie is vergelijkbaar, maar het immigratiebeleid is in Europa beduidend gunstiger. Er is nog geen sprake van een deflatoire spiraal door dalende lonen.
  • Het Europese bankensysteem staat er beter voor vergeleken met Japan. Daar kwam herkapitalisering pas in 1998 van de grond en van kredietgroei was pas in 2006 weer sprake.

Verschillen ziet BNP Paribas IP ook in de valuta-ontwikkeling. De euro is de afgelopen zeven jaar geleidelijk verzwakt, terwijl de Japanse yen tot 1995 bleef stijgen. Dit ondermijnde de Japanse concurrentiekracht en veroorzaakte druk op de lonen. In de eurozone draagt het huidige monetair beleid bij aan een minder sterke munt, waardoor de regio beter kan concurreren.

Alle registers open

De Bank of Japan ging pas twee jaar na de deflatie over tot kwantitatieve verruiming. Aanvankelijk handelde de ECB ook weinig voortvarend na het uitbreken van de financiële crisis. Maar ondertussen trekt Frankfurt alle registers open, sneller en doortastender dan de Japanse evenknie.

Wel bevindt de eurozone zich in een situatie van lage groei. Het moet mogelijk zijn om deflatie te vermijden, maar de inflatiedoelstellingen liggen nog jaren buiten bereik.

De obligatierentes vindt BNP Paribas IP te laag en zijn volgens het multi-asset team een weerslag van andere factoren, niet alleen de vrees voor een Japan-scenario. Die andere factoren kunnen van voorbijgaande aard zijn, waardoor de rente in de toekomst weer kan oplopen. 

De lage inflatieverwachtingen zijn niet uniek voor de eurozone. De daling van de olieprijzen draagt ook zijn steentje bij. Maar dit zijn tijdelijke factoren, die niet noodzakelijkerwijs leiden tot een langere periode van deflatie.

Kortom, het is te vroeg om te concluderen dat Europa wegzakt in een Japan-scenario. Een periode van lage inflatie is niet hetzelfde. Alleen de demografische ontwikkeling drukt in Europa al op de groei.

De historisch lage vergoeding op Bunds is een premature marktreactie op de vrees dat de eurozone dezelfde kant opgaat als Japan. Op de korte termijn voorspelt BNP Paribas IP een gematigde groei in de eurozone en daarmee ook stijgende bedrijfswinsten.

De Redactie van IEXProfs bestaat uit verschillende journalisten. De informatie in dit artikel is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies, of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Het is mogelijk dat redactieleden posities hebben in een of meer van de genoemde fondsen. Klik hier voor een overzicht van hun beleggingen.

Lees meer

De impact van het coronavirus