Marcel Tak is dé special product-specialist van IEX en IEXProfs, maar schrijft ook graag over rente, obligatiemarkt en toezicht als hij zich daartoe geroepen voelt. "De financiële sector is in belangrijke mate bezig met het verplaatsen van lucht. De werkelijke toegevoegd waarde is beperkt. In mijn columns wil ik relativeren, tegenwicht bieden en zo mogelijk de andere kant van de medaille laten zien."

Nieuws

Voorwaardelijke opties? Ja graag!

Met voorwaardelijke opties kunnen beleggers hun rendement optimaliseren. Helaas zitten die nu alleen in structured products.

Op deze plaats besteed ik regelmatig aandacht aan gestructureerde producten die in grote aantallen op de Duitse beurs (Frankfurt) genoteerd staan, bijvoorbeeld de (Capped) Bonus Certificaten. In Nederland geeft BNP Paribas (een beperkt aantal) soortgelijke producten uit onder de naam Rendement Certificaten.

Naar mijn oordeel zijn dit interessante constructies waarbij de belegger een mooi rendement kan behalen, ook als de beurs daalt. Ik geef een voorbeeld.

  • Stel de Eurostoxx50 index staat op 3000 punten.
  • Te koop is een Capped Bonus Certificaat met een looptijd van één jaar dat 11% rendement oplevert, zolang gedurende de gehele looptijd de index niet met 20% (grens 2400 punten) daalt. Voor veel beleggers kan dat  zeer aantrekkelijk zijn.
  • Als de index wel door de 2400 punten grens gaat, lost het certificaat af op de koers van de index.
  • Het verschil met een directe belegging is dat er geen dividend wordt ontvangen.
  • Een ander nadeel is dat het rendement is gemaximeerd tot 11%.
  • Tot slot moet de belegger rekening houden met het debiteurenrisico op de uitgevende instelling.

Niet na te bootsen

Het aardige van deze certificaten is dat ze niet zijn na te bootsen. Een garantieproduct op een bekende index kan de financiële doe-het-zelver zelf construeren door put en/of call-opties te kopen dan wel te verkopen. Met de Duitse Bonus Certificaten kan dat niet, omdat in deze producten voorwaardelijke opties worden gebruikt. Dat zijn opties die een bepaalde waarde krijgen, of juist verliezen, afhankelijk van het feit of de onderliggende waarde (bijvoorbeeld de Eurostoxx50) een vooraf gestelde grens doorbreekt.

Deze derivaten staan bekend onder de naam knock-in en knock-out-opties. Dergelijke opties zijn niet op de beurs te verkrijgen. Via de Bonus (of Rendement) Certificaten zijn deze opties indirect wel voor de particuliere belegger beschikbaar. Prima, maar het is jammer dat de opties niet afzonderlijk verhandelbaar zijn. Naar mijn idee zijn deze hefboominstrumenten voor een bepaalde groep beleggers heel aantrekkelijk.

Vooral het feit dat de opties veel goedkoper zijn dan de reguliere opties is een gunstig aspect. De voorwaardelijke optie heeft voordelen ten opzichte van zowel de reguliere optie als de turbo. Het voordeel ten opzichte van een (long) turbo is dat de stoploss-grens niet aan de onderkant, maar juist aan de bovenkant is vastgesteld. De turbo verliest zijn waarde als de onderliggende index te ver is gedaald. De voorwaardelijk (call)optie verliest, in de knock-out-variant, zijn waarde als de onderliggende index (of aandeel) te sterk is gestegen. 

 
Weinig premie

Het belangrijkste voordeel ten opzichte van de reguliere opties is dat deze producten vaak minder of geen volatiliteitpremie bevatten. Bij reguliere opties is er wel sprake van een soms forse premie en dat kan flink afbreuk doen aan het rendement. Volatiliteit is weliswaar ook van belang voor de prijsvorming van de voorwaardelijke optie. Maar de bovengrens die de onderliggende waarde niet mag passeren, drukt de prijs van de optie zodanig dat er weinig premie resteert.

Ik geef een (deels fictief) voorbeeld met de AEX index.

  • De actuele stand van de AEX index is 419 punten.
  • De reguliere call 420, met afloopdatum 18 december 2015, wordt verhandeld op een prijs van circa 22 euro.
  • Dat betekent dat op de einddatum deze optie winst oplevert als de AEX boven de 442 punten noteert.
  • Bij een verdere stijging loopt de optie op de einddatum 1 op 1 mee.

Een tweede mogelijkheid is de aanschaf van een turbo, bijvoorbeeld met financieringsniveau en stoploss op 400 punten. De prijs van zo'n  turbo is circa twintig euro. Er is een kleine risicopremie, omdat de uitoefenprijs en stoploss aan elkaar gelijk zijn. Maar de turbo levert al veel sneller winst op, namelijk bij een AEX boven de 420 punten. De voorwaardelijke optie biedt een aantrekkelijk alternatief ten opzichte van deze twee instrumenten.

Stel een voorwaardelijke AEX calloptie met afloopdatum 18 december 2015 en uitoefenprijs 420. De barrière ligt op 500 punten voor de AEX.

Drie scenario's

De up and out (knock-out)-variant betekent dat als op enig moment de AEX op of boven de 500 punten uitkomt, de voorwaardelijk call-optie geen waarde meer heeft. Dat is precies omgekeerd ten opzichte van de long turbo, die niet onder een vastgestelde grens mag uitkomen. Als de voorwaardelijk optie nooit boven de 500 punten komt, dan is de uitbetaling op de einddatum gelijk aan de waarde van de AEX minus de uitoefenprijs. Precies zoals de waarde van een reguliere optie wordt berekend.

Onder de huidige marktomstandigheden (rekening houdend met actueel dividend en volatiliteit), zou een dergelijke voorwaardelijke calloptie circa zes euro kosten. Dat is veel lager in prijs dan een reguliere optie, die 22 euro kost. Ik laat de gevolgen zien bij verschillende scenario's op de einddatum (december 2015).

1.         De AEX daalt sterk tot 300 punten
Alle drie de posities eindigen op nihil. Het verlies op de voorwaardelijke optie is met zes euro beperkt, terwijl dat van de turbo en de reguliere optie flink groter is.

2.         De AEX blijft gelijk op 419 punten
De waarde van de reguliere optie eindigt op nihil, waardoor een groot verlies resteert. De turbo zal onveranderd noteren, wat winst noch verlies betekent. Tussentijds mag de turbo echter niet onder de stoploss (circa 400, maar varieert afhankelijk van rente en dividend) hebben genoteerd. De voorwaardelijke optie eindigt waardeloos, wat een (beperkt) verlies van de investering impliceert.

3.         De AEX stijgt tot 470 punten
De reguliere optie eindigt op 50 euro, wat een winst van 28 euro ten opzichte van de investering betekent. De turbo zal ongeveer 70 euro noteren, een winst van 50 euro. Tussentijds mag de index niet onder de stoploss zijn uitgekomen. De voorwaardelijke optie eindigt, net als de reguliere optie, op 50 euro. Dat is een winst van 44 euro ten opzichte van de investering. Maar de AEX mag tussentijds nooit op of boven de 500 punten zijn uitgekomen.

4.         De AEX stijgt sterk tot 550 punten
De reguliere optie eindigt op 130 euro, wat een winst van 108 euro inhoudt. De turbo zal ongeveer 150 euro noteren, waarmee de winst op 130 euro uitkomt, natuurlijk weer op voorwaarde dat de AEX niet tussentijds onder het stoplossniveau is uitgekomen. De houder van de voorwaardelijke optie heeft pech, want de 500 grens is doorbroken. Er resteert een verlies van de investering (6 euro).

Natuurlijk is de voorwaardelijke optie geen wonderinstrument dat in alle gevallen het beste resultaat oplevert. Maar ik denk dat met deze opties voorhanden, de ervaren belegger, en natuurlijk een adviseur of portfolio manager, een uitstekend instrument in handen zou hebben om de beleggingsresultaten verder te optimaliseren. Wat weerhoudt Euronext Amsterdam ervan om dergelijke innovatieve opties te introduceren?

Marcel Tak is zelfstandig beleggingsadviseur en oprichter/beheerder van het Bufferfund. De informatie in deze column is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen.

Lees meer

Duurzaam beleggen