Interview

Saai is goed bij Loomis Sayles

Als actieve manager onderscheidt u zich door de waarde die u toevoegt. Hollie Briggs vertelt hoe ze dit bij ultra-langetermijnbelegger Loomis Sayles al jaren doen: “Onze alpha-these is eigenlijk heel saai en dat is goed.”

Uit verschillende wetenschappelijke studies blijkt dat een hoge active share, lage turnover en expertise de drie pijlers zijn van een consistente en relatief hoge langetermijnperformance.

Niks nieuws voor Hollie Briggs, vicepresident van de Growth Equity Group bij Loomis Sayles: “Het is goed om te zien dat onze visie ook wetenschappelijk wordt ondersteund, maar wij doen dit al jaren.” En met succes, want de ultra-langetermijnstrategie heeft sinds de start in 2006 index ruimschoots verslagen.

Het Loomis Sayles US Growth Equity Fund is een van de beleggingsfondsen met een ultra-langetermijnstrategie met een hoge active share. Voor de Amerikaanse assetmanager Loomis Sayles is een hoge active share geen doel, maar juist het resultaat van hun beleggingsfilosofie.

Briggs legt uit: “We zijn een langetermijnbelegger en we zoeken naar bedrijven die we willen bezitten in plaats van aandelen waar we in willen handelen. Het gaat ons om een bepaald type bedrijf met structurele groeifactoren. We kijken niet naar een benchmark en zeggen: dit is een grote positie in de benchmark, dus die moeten we hebben.”

Gezond verstand

Een andere belangrijke pijler van een goede performance is expertise. Volgens Briggs is dit een kwestie van gezond verstand: “Voor ons is het hele uitgangspunt van beleggen dat prestaties uit het verleden geen garantie bieden voor de toekomst. We moeten het allemaal zeggen, maar toch zie ik nog veel mensen die de hele dag naar eerdere prestaties kijken om te proberen te achterhalen waar ze het beste in kunnen investeren. Wij zijn van mening dat de kwaliteit van de besluitvorming een meer doorslaggevende factor is voor toekomstige prestaties.”

Het proces van Loomis Sayles, dochter van de Franse assetmanager Natixis, is gestructureerd en transparant. Deze komt tot uiting in een alpha-these; een vaste reeks stappen die beschrijft hoe de filosofie in het dagelijkse proces past.

“Onze alpha-these is eigenlijk heel saai en dat is goed. Journalisten vragen wel eens: Hebben jullie niet iets nieuws? We willen graag een ander soort artikel schrijven dan dat van een jaar geleden. Maar we zijn gewoon echt zo saai. We kunnen praten over verschillende namen, maar ons verhaal is ons verhaal,” vertelt Briggs. 

"We zijn gewoon zo saai. We kunnen praten over verschillende namen, maar ons verhaal is ons verhaal"

Overtuiging en structuur

Het uitgangspunt van de alpha-these is de overtuiging dat actief fonds- en risicomanagement een integraal onderdeel zijn van het genereren van alpha. Het proces valt hierbij uiteen in zes overtuigingen die verankerd zijn in zes processen.

Dat Loomis Sayles een langetermijnbelegger is, blijkt ook uit hun lage turnover; voor de lange termijn verwacht de assetmanager een turnover van maximaal 25% op jaarbasis. De basis voor de diepgaande kennis van de bedrijven waarin geïnvesteerd wordt, is een gestructureerd framework. 

In dit framework beoordeelt het team bij Loomis Sayles bedrijven aan de hand van drie karakteristieken: kwaliteit, groei en waardering. In het geval van kwaliteit moet er sprake zijn van een duurzaam concurrentievoordeel en een bedrijfsmodel dat moeilijk te repliceren is.

Daarnaast dient het bedrijf optimaal gepositioneerd te zijn om te kunnen profiteren van langetermijn, autonome en structurele groeifactoren. Tot slot draait het bij de waardering om een discrepantie tussen de actuele koers en de intrinsieke waarde. 

Zoeken naar bedrijven die de meeste waarde toevoegen

Hoewel de portfoliomanager alle beleggingsbeslissingen maakt, staat iedereen dicht bij het besluitvormingsproces. En dat is volgens Briggs enorm belangrijk: “Wij willen analisten die hun functie niet beschouwen als het voorportaal van een functie als portfoliomanager. Ze worden ook meer als portfoliomanagers betaald dan als analisten. We willen ze betrokken en gelukkig houden en laten groeien en leren.” 

Dat is ook een van de drijfveren geweest voor het starten van de wereldwijde strategie. Een strategie die profiteert van alle informatie die er al was, maar die tot dan toe nog nergens geëxploiteerd werd.

Het uitgangspunt voor dit nieuwe fonds, net als voor het Loomis Sayles US Growth Equity Fund in 2006, is global value chain analysis. Loomis Sayles zoekt aan de hand van een waardeketenanalyse naar de winstpools in elke branche. “We zoeken naar de bedrijven die de meeste waarde toevoegen. Het klinkt zo overduidelijk, toch vergeten we het nadat we van school zijn gegaan,” legt Briggs uit. 

“We zoeken naar de bedrijven die de meeste waarde toevoegen. Het klinkt zo overduidelijk, toch vergeten we het nadat we van school zijn gegaan”

Het researchframework in de praktijk

Als voorbeeld noemt Briggs de bier-industrie: “We kijken naar de leveranciers van grondstoffen, de brouwerijen, distributeurs en retailers. Deze analyseren we in termen van omzet, winst, percentage, de marges en de cashflow returns. Hieruit blijkt dat brouwers de grootste winstpool hebben."

"Vervolgens kijken we naar de wereldwijde markt onderverdeeld naar regio’s. Wat is het volumeaandeel van alle spelers? Tot slot bekijken we dan hoe het er per land uitziet. Het groeipotentieel voor bier is immers niet hetzelfde voor ontwikkelde als voor opkomende markten. Wij zoeken specifieke bedrijven met een grote adresseerbare markt waarin tot dan toe sprake is van een lage penetratie.”

Een ander voorbeeld is John Deere, actief in de landbouw- en bouwsector. Voor hun machines gebruiken ze staal. Een stijging van de staalprijs zou dus een negatieve invloed kunnen hebben op de omzet.

Het team van Briggs gelooft echter dat Deere, met hun sterke merk, innovatievermogen, reputatie, omvang en loyale klantenbestand, prijsverhogingen kunnen doorvoeren om die stijgende staalprijs te compenseren. 

Daarnaast staat de structurele groeifactor voor Deere los van fluctuaties in de staalprijs: “Voor 2050 wordt voorspeld dat de bevolking met een derde is toegenomen. De vraag naar graan zal naar verwachting verdubbelen. Omdat er geen akkerland meer beschikbaar is, moeten de opbrengsten van het land verbeteren, vooral in de opkomende markten. Mechanisatie en de tools die Deere produceert kunnen dit mogelijk maken. Dit is wat ons betreft typisch zo’n bedrijf met karakteristieken die sterker zijn dan een recessie van meerdere jaren, volatiliteit op valutamarkten en andere macro-evenementen.”

 

 

Fintech