Feature

Assetallocatie: De portefeuille die tegen een stootje kan

Hoe lang blijven beleggers nog zo positief over de markt? Is het slim om uw portefeuille (alvast) schokbestendiger te maken? Nordea laat zien hoe zij een absolute return-portefeuille zouden opstellen.

In U vraagt, wij beheren, een vaste rubriek in IEXProfs Magazine vragen wij twee vermogensbeheerders een portefeuille op te zetten naar aanleiding van een door ons bedacht thema. Deze keer de schokbestendige portefeuille. Nordea trapt af, over de portefeuille van Candriam leest u later deze maand. 


Nordea: Long only obligatiebeleggen zonder restricties

In de (fictieve) absolute return-obligatieportefeuille van Nordea Asset Management heeft Lead portfoliomanager, Karsten Bierre, groot belang toegekend aan risicobeheersing. “Mijn streven is dat deze obligatieportefeuille zowel in goede als slechte omstandigheden goed blijft presteren.”

Bierre (foto) heeft het Flexible Fixed Income Fund van de Scandinavische vermogensbeheerder als basis genomen. De vrijheid van handelen ziet hij als hét grote voordeel van de strategie.

Karsten Bierre“Ontheven van welke benchmark dan ook, hebben wij de handen vrij om zonder beperkingen te beleggen. Zolang we de factorrisico’s, zoals duration risk en kredietrisico, netto maar long staan.”

Die zelfopgelegde long only-restrictie is in het leven geroepen om de prestaties zo evenwichtig mogelijk te houden. Bierre: “Free lunches bestaan al lang niet meer. Daarom hebben we gekozen voor een portefeuille die geschikt is voor zowel zonnige als regenachtige dagen op de beurs.”

Ruimte creëren

Met de keuze voor een long only-strategie blijft Bierre tevens graag dicht bij de gewoontes van de klant. “Veel obligatiebeleggers, zowel particuliere als institutionele, hebben namelijk vooral klassieke, long only vastrentende producten in hun portefeuille.”

Maar in deze marktomstandigheden, waarin het tienjaars rendement op Duitse staatsobligaties op 30 basispunten ligt en Europese high yield-spreads tussen de 300 en 350 basispunten noteren, lopen die benchmark gedreven portefeuilles wel het risico dat de obligatierentes of die spreads vroeg of laat zullen oplopen, aldus Bierre.

“In plaats van dat risico te beperken door klanten te dwingen in een meer hedgefonds-achtige strategie, waar grote shortposities gebruikelijker zijn, vind ik het logischer om klanten in een waardevoorstel een nauw substituut aan te bieden. Door over te stappen op een unconstrained obligatieportefeuille, blijven veel karakteristieken hetzelfde als van de klassieke long only-strategieën die klanten gewend zijn, maar is er meer ruimte om risicoaanpassingen te doen.”

Emerging markets kwetsbaar cluster

Bierre probeert de juiste risicobalans te bereiken door gelijke risico’s te alloceren aan fixed income-categorieën die waarschijnlijk goed presteren in een bullmarkt en kredietproducten die dat juist neigen te doen in een bearmarkt. De portefeuille bestaat dus voor de helft uit zogeheten bullmarkt return drivers.

Het gros daarvan heeft Bierre gealloceerd aan obligaties uit de categorieën investment grade, high yield en schuldpapier van opkomende markten. Maar juist in die laatste assetklasse rommelt het de laatste tijd.

Bierre: “Op dit moment vormen opkomende markten op de korte termijn het meest kwetsbare en risicovolle cluster binnen het vastrentende universum. Dat komt onder meer door de crisis in Turkije en het risico op besmetting van andere opkomende landen, het veranderde Amerikaanse monetaire beleid en de handelsoorlog die woedt tussen de VS en China.”

Risicodemping

Echter, in relatieve termen en vanuit het oogpunt van duration vindt Bierre EMD juist erg aantrekkelijk. “Ook als ik de EM-creditspreads afzet tegen het aantal verwachte defaults en kijk naar de historische volatiliteit, vind ik EMD op basis van risico gewogen rendement relatief goedkoop. Tevens zijn de fundamentals in opkomende markten mijns inziens beter dan wat de prijsniveaus van EMD suggereren.”

Hij doelt daarbij op meer volwassenheid in economieën van veel opkomende landen, verbeterde betalingsbalansposities en groeicijfers die over het algemeen meer gedegen en constant zijn dan voorheen. Om tegengas te bieden aan de meer risicovolle beleggingen alloceert Bierre de andere helft in zijn portefeuille aan defensieve posities.

Daarin spelen hoogwaardige staatsobligaties – vooral uit de top van de uitgevende landen, zoals Australië, Canada, het VK en de VS – een belangrijke beschermende rol. Hij prefereert daarbij het vijfjaars papier zwaar boven het tienjaars. “Dat is vanwege de carry & roll-perspectieven; op de Amerikaanse treasurymarkt ligt het rendement boven 2,7% en handelt de tienjaars yield net onder 3%. Dan loont het toevoegen van duration risk bijna niet.”

Negatieve correlatie

De 11%-allocatie aan gedekte obligaties, voornamelijk uitgegeven door de Europese kernmarkten, gebruikt Bierre vooral als portefeuillediversifieerder. “Covered bonds zijn niet alleen veilig en liquide, maar bieden tevens een mooi rendement in vergelijking met staatsobligaties van vergelijkbare emitterende landen.”

Door zijn onbeperkte mandaat is Bierre vrij in zijn keuze om slechts een minimale blootstelling te hebben aan gewone eurozone-obligaties. “Veel Europese vastrentende portefeuilles hebben die vrijheid niet doordat deze obligaties vaak in de benchmarks zijn opgenomen.”

Vanuit risico-beloningsperspectief vindt hij vooral de Europese perifere obligaties niet attractief genoeg en ziet betere kansen, met vergelijkbaar risico, in niet-Europese landen. Bierre zet in zijn portefeuille ook valuta in om de risico’s beter te kunnen beheersen. Niet alleen voor hedgedoeleinden, maar ook om bescherming te bieden tijdens bearmarkten.

Long dollar

“We proberen te identificeren in welke valutaparen de negatieve correlatie met risicovolle assets het sterkst is. Longposities in de Japanse yen bieden bijvoorbeeld goede diversificatie.” De meest prominente positie wordt echter ingenomen door de dollar.

Bierre: “De dollar wordt door beleggers nog altijd als veilige haven gezien en heeft de neiging te appreciëren in onrustige markten. Tegelijkertijd is een long dollarpositie vanuit het perspectief van een Europese belegger extra interessant. Niet alleen dient de greenback als risicodemper, maar er wordt ook nog eens positieve carry ontvangen.”

De hoogste bescherming en vorm van kapitaalbehoud biedt het aanhouden van contanten. Maar in plaats cash op een bankrekening te zetten tegen -0,5%, probeert Bierre dat negatief rendement te verhogen en in een plus om te zetten. Dat doet hij door Deense kortlopende nietopvraagbare hypothecaire obligaties in portefeuille op te nemen.

Deense rendementsversterkers

“Die zijn AAA-rated en kunnen tegen zeer lage kosten worden verhandeld op een markt met enorm volume. Met ongeveer 50 tot 60 basispunten rendement vergeleken met de negatieve returns op een bankrekening, dienen deze obligaties als veilige rendementsversterkers.”

Bierre benadrukt tot slot vooral niet te pretenderen om een marktrichting goed te kunnen voorspellen. Daarom probeert hij juist een goed gediversifieerde portefeuille aan te bieden, die ongeacht de marktomstandigheden een constante prestatiecurve toont.

“Veel absolute, total of unconstrained return fondsen hebben bijna altijd (enige mate van) bèta, waardoor ze het vaak beter doen in stijgende dan in dalende markten. Wíj proberen bèta juist te elimineren door offensieve assets te neutraliseren met defensieve.


De portefeuille van Nordea 

Categorie Land/regio Gewicht
AAA-Staatsobligaties 5 jaar Ontwikkelde markten wereldwijd 12,5%
AAA-Staatsobligaties 10 jaar Ontwikkelde markten wereldwijd 1%
Gedekte obligaties  Europa (vooral Duitsland, Frankrijk, Nederland en Denemarken) 11%
Eurozone obligaties  Europa  1%
Investment grade-obligaties VS (overwogen) en Europa 17%
High yield-obligaties Ontwikkelde markten wereldwijd 15,5%
EM-obligaties Opkomende markten 15,5%
Inflatiegeïndexeerde obligaties (TIPS) VS 4%
Amerikaanse dollar VS 9%
Hypothecaire obligaties (non-callable, kortlopend) Denemarken 10%
Cash  - 3% 

Duurzaam beleggen