Gastauteur zijn professionals die volgens de redactie van IEXProfs bijdragen leveren die het waard zijn een groter beleggingspubliek te bereiken, maar die niet de intentie hebben om wekelijks of maandelijks een bijdrage te leveren als vaste medewerker of columnist. Bij de artikelen wordt een korte toelichting gegeven van de schrijver.

Column

Vleesketen vormt bedreiging wereldwijde gezondheid

De stijgende productie van vlees wereldwijd is problematisch voor dier, mens en planeet. Covid-19 is slechts een van de nare gevolgen. Masja Zandbergen, hoofd ESG-integratie bij Robeco, brengt de uitdagingen in kaart, spreekt bedrijven aan op misstanden, maar roept niet op om te stoppen met het eten van dode dieren.

De vleesketen vormt wereldwijd een bedreiging voor de gezondheid. Niet alleen de zogenoemde natte markten zijn een bron van risico voor de gezondheid van de wereldbevolking, met als recent voorbeeld Covid-19, de hele toeleveringsketen van vlees is dat. Eerder zagen we al de varkenspest en de gekkekoeienziekte, maar ook in de toekomst krijgen we ongetwijfeld te maken met ziektes en weerstand tegen bacteriën door het buitensporige gebruik van antibiotica. 

Daarbij levert de vleesketen ook nog eens een bijdrage aan de klimaatverandering via ontbossing, zijn er problemen met dierenwelzijn en kwesties rond lonen en arbeidsomstandigheden in fabrieken. Deze problemen kwamen ook tijdens de Covid-19-crisis naar voren, maar waren niet nieuw.

Masja Zandbergen van Robeco

Dit soort kwesties levert niet alleen problemen op voor de maatschappij en het milieu, maar heeft bij een ontoereikende aanpak ook een reële impact op bedrijven. Deze impact komt niet alleen naar voren tijdens een crisis, zoals wel bleek uit de gedwongen sluiting van vleesverpakkingsbedrijven na een interne golf van Covid-19-besmettingen. Door de grote voetafdruk van de bio-industrie ontstaat waarschijnlijk ook een negatief financieel effect, omdat de sector in hoge mate bijdraagt aan klimaatverandering en steeds meer te maken krijgt met regelgeving en financieel toezicht.

Gelukkig is het niet alleen maar kommer en kwel. We zien ook ondernemingen die profiteren van de kansen die nieuwe manieren van landbouw bieden. Toch moet innovatie wel worden aangemoedigd in deze sector, die meer dan 11.000 jaar geleden ontstond met de domesticatie van de eerste schapen en geiten. 

Vleesconsumptie exponentieel gestegen sinds 1960

Sinds de jaren zestig van de vorige eeuw is de vleesproductie exponentieel gegroeid, waarbij het grootste deel van de stijging is toe te schrijven aan vlees van pluimvee, varkens en runderen. Sinds 2014 consumeert een persoon gemiddeld ongeveer 43 kilo vlees per jaar. Voor Europeanen en Noord-Amerikanen is dit met een consumptie van respectievelijk 80 en 110 kilo zelfs ruim het dubbele daarvan.

Dit mondiale gemiddelde zal naar verwachting nog verder stijgen, omdat soortgelijke veranderingen in bevolkingsgroei, inkomens en verstedelijking eerder ook al leidden tot een toenemende vraag naar vlees en dierlijke producten.

Volgens ramingen zorgt de agrarische sector wereldwijd voor de op een na grootste uitstoot van broeikasgassen. Gemiddeld genomen produceert één koe 85 kilo methaan per jaar. Om de uitstoot terug te dringen, de gezondheid te verbeteren en meer mensen te voeden is dringend een radicaal andere koers nodig. Alleen dan halen we in 2030 de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG's) van de Verenigde Naties en het Akkoord van Parijs.

"Volgens ramingen zorgt de agrarische sector wereldwijd voor de op een na grootste uitstoot van broeikasgassen"

Resultaten engagement

Voor dit engagementthema hebben we een raamwerk van indicatoren samengesteld dat bestaat uit de volgende doelstellingen: dierenwelzijn, naleving van arbeidsrechten, beheer van productkwaliteit en veiligheid, en innovatiemanagement. Het engagamentbeleid moet ook betrekking hebben op alle geografische regio's, relaties met leveranciers en onderaannemers.

Ons engagement, dat in 2016 startte, richtte zich tot nu toe op ondernemingen in de hele toeleveringsketen; van biowetenschappelijke bedrijven en (vlees)verwerkers, tot en met voedselproductbedrijven en detailhandelaren. De ondernemingen met het beste resultaat zijn te vinden in Noord-Europa en Scandinavië, terwijl ook Amerikaanse bedrijven in de fastfoodsector het goed deden. Hun activiteiten en rapportages, vooral in het kader van deelname aan het Carbon Disclosure Project, plus hun betrokkenheid bij het Cerrado Manifesto, hun formulering van wetenschappelijk onderbouwde doelstellingen en meer, tonen hun inzet aan voor duurzaamheid en de stappen die zij de afgelopen drie jaar hebben gezet voor een voortdurende verbetering daarvan.

Onze engagementprogramma's met Braziliaanse ondernemingen hebben we daarentegen gesloten. Ze waren niet effectief, omdat de betreffende bedrijven voor de meeste doelstellingen aanzienlijk achterblijven bij hun sectorgenoten. We willen echter wel dat deze ondernemingen goed blijven presteren met betrekking tot dit onderwerp en blijven daarom betrokken zo lang we in deze namen belegd zijn.

Lees de hele Engelstalige column.


Gastauteurs zijn beleggers die schrijven op persoonlijke titel. De informatie in deze column is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen.

De impact van het coronavirus