Column

Iers schandaal raakt Europese fondsindustrie

De centrale bank van Ierland ontdekte onlangs dat bij enkele actieve fondsen wordt gerommeld met rendement en benchmark om de prestatievergoeding te rechtvaardigen. Detlef Glow van Lipper toont zich geschokt en vreest de gevolgen voor de Europese fondsindustrie.

De centrale bank van Ierland heeft op 4 september een brief rondgestuurd waarin het de uitkomst van een onderzoek naar de prestatievergoedingen van actieve fondsen (UCITS) bekendmaakt. De timing van de brief is bijzonder, want de dag ervoor publiceerde ik nog een column waarin ik concludeerde dat de selectie van fondsen meer behelst dan het simpelweg kijken naar de kosten.

Ik riep beleggers op om per geval te bekijken of een fonds zijn (hoge) vergoeding waard is. Daarbij ging ik er wel vanuit dat fondsanalisten te maken hebben met eerlijke cijfers. Dat is niet altijd het geval, zo blijkt nu uit de brief van de Ierse centrale bank.

Zo ontdekte de Ierse centrale bank dat bij sommige fondsen de prestatievergoeding wordt berekend op basis van een verkeerde benchmark, waardoor de prestaties van het fonds gunstiger uitsteken en een prestatievergoeding op zijn plaats is.

Daarnaast vond de bank dat sommige fondshuizen prestatievergoedingen rekenen op basis van het brutofondsrendement in plaats van het nettorendement. De Ierse bevindingen betekenen dat sommige fondsbeleggers te veel hebben betaald. Een ordinair staaltje oplichting?

Nieuwe regels

In het licht van de discussie over de vergoedingen en kosten van actieve fondsen kan het Ierse schandaal reden zijn voor toezichthouders om hun regelgevende inspanningen verder op te voeren.

Ik kan me goed voorstellen dat leden van de Europese fondsindustrie vrezen dat het Ierse onderzoek in andere EU-landen navolging krijgt. Ook wakkert het bij sommige fondshuizen de angst aan dat het voor de Europese Commissie nu welletjes is en het een einde maakt aan het fenomeen prestatievergoeding voor alle fondsen die in de EU een notering hebben.

Zeker is dat de Ierse bevindingen de verkoop van actieve fondsen in de EU verder belemmeren. Veel beleggers twijfelden al over het willen betalen van prestatievergoedingen. Deze beleggers zullen nu nog onwilliger zijn om voor fondsen te kiezen met een prestatievergoeding. Zeker professionele fondsselectors zitten er niet op te wachten dat een van de fondsen, dat zij voor hun klanten hebben uitgekozen, onderwerp wordt van een schandaal.

Brede reputatieschade

Duidelijk is dat de resultaten van de Ierse studie de druk op actieve fondshuizen verhoogt om de hoge vergoedingen, die zij in rekening brengen, te rechtvaardigen. Hoewel de fraude bij slechts enkele fondsen werd ontdekt, zal de negatieve impact industriebreed worden gevoeld.

Het schaadt de reputatie van alle fondsen die prestatievergoedingen in rekening brengen. Ik hoop dat het alle belanghebbenden in de Europese sector aanzet de eigen regels te verscherpen om zo nieuwe schandalen te voorkomen.

Detlef Glow is hoofd research EMEA bij Lipper, een onafhankelijk fondsbeoordelaar. Glow heeft een MBA Financial Services van de University of Wales/Cardiff en een BA in Business Administration. De informatie in deze column is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen.

Brexit