De wereld is voorgoed veranderd en ook institutionele beleggers beginnen dat in te zien en hun geld op het juiste paard in te zetten. Dat is de conclusie van een uitgebreid artikel in II Magazine. Steeds meer pensioenfondsen en andere institutionele beleggers zijn hun strategie ten opzichte van opkomende markten ‘fundamenteel aan het heroverwegen’. De aanleiding daartoe is simpel. De aandelenbeurzen van die regio’s hebben, zij het met wat extra volatiliteit, de ontwikkelde landen de afgelopen tien jaar ver achter zich gelaten. De MSCI Emerging Markets steeg over die periode 7,6% per jaar, tegenover –1,26% voor de MSCI World. De BRIC-landen liepen zelfs nog harder op, Rusland voorop.
Bovendien dringt het besef door dat de demografische trends die de veranderingen op het wereldtoneel aanjagen blijvend zijn. De door vriend en vijand nog als belangrijkste graadmeter voor de aandelenmarkten gezien MSCI World heeft een weging van slechts 13% voor opkomende landen. Daarmee is de index als benchmark voor wereldwijd opererende beleggers door de tijd ingehaald. Zoals Jerome Booth, hoofd research van Ashmore Investment management zou zeggen: de index zit voor 87% in de crash zone.
Veel aandelen uit opkomende markten komen niet in de MSCI All Country World Index omdat de free float (één van de criteria bij de samenstelling en weging van de index) laag is doordat nog een relatief groot belang in handen is van overheden of families. Booth vraagt zich in het bewuste artikel af waarom ‘arbitraire en tamelijk statische regels van een indexprovider bruikbare asset allocatie zouden moeten opleveren’. De index is voor veel beleggers immers als benchmark leidend.
Booth vind dat beleggers 50% exposure naar emerging markets moeten hebben – tenminste, als ze een neutraal (niet agressief) profiel hebben. De logica daarachter is simpel, het is als een spits die beweegt naar de plek waar hij de bal verwacht, niet naar waar de bal net is geweest. Steeds meer grote asset managers, zoals bijvoorbeeld GE Asset Management en Goldman Sachs, openen kantoren in landen als Brazilië, India en China en zetten emer experts op opkomende markten. Zij merken ook op dat pensioenfondsen in Westerse landen langzaam hun home bias van zich beginnen af te schudden. Veel van deze fondsen, vooral in Angelsaksische landen, beleggen van oudsher nog de helft van het beheerd vermogen in eigen land.
Slapende reus ontdekt nu ook de opkomende markten
Maar ook buiten aandelenland zijn de opkomende markten in opkomst. Bij ’s werelds grootste obligatiehuis Pimco zien ze dat als een logische stap. Ramin Toloui, verantwoordelijk voor de opkomendelandenportefeuilles: “Bij aandelen vindt iedereen regiospreiding vanzelfsprekend. Maar voor de obligatiemarkt geldt precies hetzelfde principe.” Dat verklaart de groeiende interesse in emerging market debt. Ondertussen kijken aandelenbeleggers alweer een stuk verder, stelt Alan Conway (foto), aandelenmarktenexpert bij Schroders. “De frontier markets zijn de nieuwe opkomende markten.” Afrika, Midden-Oosten en de kleinere namen in Zuidoost Azië behoren tot die nieuwe asset categorie.
Conway stelt dat grote spelers de opkomende markten steeds meer gaan zien als onderdeel van het kerngedeelte van hun portefeuille en niet meer als een hogerisicosector waar ze extra rendement mee kunnen genereren door tactisch in- en uit te stappen. Volgens cijfers van BofA Merrill Lynch gat 42% van de ondervraagde Amerikaanse institutionele beleggers in 2009 aan de weging voor opkomende markten te willen verhogen binnen 12 maanden, terwijl 39% zei de weging voor Amerikaanse aandelen te gaan verlagen. Daarmee zijn opkomende markten definitief mainstream geworden.
En waar opkomende markten ook al volledig geadopteerd zijn door de ETF-industrie, gaat dat (nog) niet op voor de frontier markets. Dat zorgt voor een lagere instroom van kapitaal en daarmee voor lagere waarderingen wat deze markten extra interessant maakt voor aandelenpioniers. Dezelfde pioniers die de opkomende markten tien, vijftien jaar gelden al begonnen te ontdekken. Nu ook de slapende reus (de pensioenfondsen) wakker is geworden en langzaam zijn geld richting opkomende markten gaat alloceren, is duidelijk dat de wereld onomkeerbaar veranderd is.
Dat merkte ook Jerome Booth toen een grote institutionele klant na tien jaar lang aandringen van de zijde van Booth eindelijk vertelde dat het zijn weging voor opkomende markten ‘verdubbeld had tot 10%’. De ‘goed hè?-blik’ waarmee die ontboezeming gepaard ging, werd door Booth beantwoord met een typisch Brits onderkoeld antwoord. “Dus je voelt je nog steeds comfortabel met 90% in de crash zone?” In het ‘nieuwe normaal’ - om nog maar eens een Pimco-term te lenen – is 50% voor opkomende markten zo gek nog niet.
Peter van Kleef is financieel journalist en redacteur bij IEX.nl. De informatie in deze column is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen.
Klik hier voor een overzicht van Van Kleefs actuele beleggingen. Uw
reactie is welkom op
peter@iex.nl